Wat PGS 30 regelt
PGS 30 is de publicatiereeks gevaarlijke stoffen over vloeibare brandstoffen in bovengrondse tankinstallaties. In de praktijk gaat het bij magazijnen en distributiecentra vrijwel altijd over diesel of gasolie voor het eigen wagenpark, het intern transport of een noodstroomaggregaat.
De richtlijn beschrijft hoe u die opslag zo inricht dat drie risico's beheerst blijven: bodemverontreiniging, brand en blootstelling van medewerkers.
Sinds de omzetting naar de nieuwe stijl werkt PGS 30 met een risicobenadering. Elk voorschrift is herleidbaar tot een scenario, en dat maakt het beter uitlegbaar waarom een bepaalde maatregel er staat.
Voor u als eigenaar van een tank vertaalt zich dat naar een beperkt aantal praktische verplichtingen: een goede installatie, een aantoonbare keuringscyclus en een terrein dat een lekkage kan opvangen.
Wanneer het op u van toepassing is
De grens ligt bij de vorm van de opslag, niet bij de vraag of u een tankstation runt.
Heeft u een vaste bovengrondse tank waaruit u tankt, dan is PGS 30 uw kader. Dat geldt ook voor de compacte containertanks met geïntegreerde pomp die op veel bedrijventerreinen staan.
Slaat u brandstof of olie op in vaten, jerrycans of IBC's, dan bent u niet bij PGS 30 maar bij PGS 15, dat over verpakte gevaarlijke stoffen gaat.
Heeft u een ondergrondse tank, dan geldt een aanvullend regime met eigen eisen aan bodembescherming en corrosiepreventie. Dat komt bij nieuwe situaties nog zelden voor, maar bestaat op oudere terreinen nog volop.
Waar de verplichting vandaan komt
PGS 30 is op zichzelf geen wet. De juridische haak zit in de omgevingswetgeving, die het opslaan van brandstof in een bovengrondse tank aanmerkt als een milieubelastende activiteit en daarvoor algemene regels stelt.
Die regels staan in het Besluit activiteiten leefomgeving, dat op zijn beurt naar PGS 30 verwijst voor de technische invulling. Zo wordt een richtlijn alsnog bindend.
Daarnaast geldt de arbokant. Het Arbeidsomstandighedenbesluit verplicht u om blootstelling aan gevaarlijke stoffen te beoordelen en te beheersen, en dat geldt ook voor dieseldamp en huidcontact bij het tanken.
De actuele tekst van de richtlijn zelf staat op de site van de Publicatiereeks Gevaarlijke Stoffen. Werk altijd met de geldende versie, want de nieuwe-stijl-uitgaven wijken op onderdelen af van de oudere.
Eisen aan de tank
De tank zelf moet geschikt zijn voor het product en voorzien van de juiste toebehoren. In de praktijk kijkt een keurmeester naar een vast rijtje.
Een typeplaat of certificaat waaruit blijkt dat de tank volgens de juiste norm is gebouwd. Een ontluchting die niet verstopt kan raken. Een peilinrichting waarmee de inhoud kan worden vastgesteld zonder de tank te openen.
Een overvulbeveiliging die het vullen stopt voordat de tank vol is, want overvullen is de meest voorkomende oorzaak van morsing bij levering.
Een afsluiter direct op de tank, zodat de leiding bij een breuk kan worden afgesloten. En een deugdelijke conservering tegen corrosie, want een tank die buiten staat, staat er twintig jaar.
Opstelling en afstanden
Waar de tank staat, bepaalt een groot deel van het risico. PGS 30 werkt met afstanden tot gebouwen, tot de erfgrens en tot plaatsen waar mensen verblijven.
De gangbare praktijk is een afstand van enkele meters tot de dichtstbijzijnde gevel, waarbij een brandwerende voorziening die afstand kan verkleinen. De exacte maat volgt uit de richtlijn en uit de situatie op uw terrein.
Even belangrijk is de bescherming tegen aanrijding. Een tank die aan een rijroute van vrachtwagens of heftrucks staat, hoort achter een aanrijdbeveiliging die de klap kan opvangen.
Let ook op wat er naast staat. Een dieseltank pal naast een lithium-ion-accuopslag of naast een laadplein voor elektrische voertuigen is een combinatie die u expliciet wilt beoordelen in plaats van laten ontstaan.
Lekbak of dubbelwandig
Er zijn twee manieren om te voorkomen dat een lekkage in de bodem verdwijnt, en u kiest er één.
De eerste is een enkelwandige tank in een opvangbak. Die bak moet de inhoud kunnen bevatten, waarbij een capaciteit rond 110 procent van de tankinhoud gangbaar is, en hij moet vrij blijven van regenwater.
De tweede is een dubbelwandige tank met een bewaakte tussenruimte. Een lekdetectiesysteem geeft alarm zodra een van beide wanden faalt, waardoor u een probleem ziet voordat er iets naar buiten komt.
Dubbelwandig kost minder ruimte en is bij nieuwbouw de gangbare keuze, maar het verplaatst het onderhoud naar de detectie. Een lekdetectie die al jaren op storing staat, biedt precies nul bescherming.
Het afleverpunt
Vrijwel elk incident met een bedrijfsdieseltank vindt niet bij de tank plaats maar bij de slang. Daar wordt gemorst, daar staat een voertuig en daar staat een medewerker.
Het afleverpunt hoort daarom op een vloeistofdichte of vloeistofkerende voorziening te liggen, groot genoeg om het voertuig en de morszone te dekken.
De installatie zelf vraagt om een pistool met automatische afslag, een breekkoppeling of afscheurbeveiliging in de slang en een afsluitbare bediening zodat onbevoegden er niet uit kunnen tanken.
Werk daarnaast met een noodstop op een logische plek en met absorptiemateriaal binnen handbereik. Wie na een morsing eerst een kwartier moet zoeken naar korrels, heeft de kans om het klein te houden al gemist.
Bodembescherming
De bodembeschermende voorziening is het onderdeel dat het vaakst wordt vergeten, omdat het geen apparaat is maar een stuk vloer.
Een vloeistofdichte voorziening moet aantoonbaar vloeistofdicht zijn en dat blijft alleen zo als hij periodiek wordt geïnspecteerd door een daarvoor erkend inspectiebedrijf. Die inspectie kent een eigen cyclus, doorgaans om de zes jaar, met jaarlijkse eigen controles daartussen.
Die eigen controle is eenvoudig: kijk naar scheuren, naden, verzakking en de staat van de kitvoegen. Leg de bevindingen kort vast met een datum.
Denk ook aan de afvoer. Hemelwater van een tankplaats mag niet ongezuiverd het riool of de bodem in. Een olieafscheider vraagt om lediging en registratie, en die registratie hoort in hetzelfde dossier.
Keuringen en termijnen
De keuringscyclus rond een dieseltank bestaat uit meerdere sporen die zelden bij dezelfde partij liggen. Dat is de reden dat er zo vaak één spoor uitvalt.
| Onderdeel | Wat er gebeurt | Gangbare termijn | Door wie |
|---|---|---|---|
| Installatie | Aanleg of wijziging met certificaat | Bij plaatsing en na wijziging | Erkend installateur |
| Tankinstallatie | Herkeuring van tank en appendages | In de regel elke 15 jaar | Erkend keuringsbedrijf |
| Lekdetectie | Functiecontrole dubbelwandige tank | Jaarlijks | Onderhoudspartij |
| Vloeistofdichte vloer | Inspectie van de voorziening | Doorgaans elke 6 jaar | Erkend inspectiebedrijf |
| Olieafscheider | Lediging en controle | Minimaal jaarlijks | Verwerker |
| Eigen controle | Visuele ronde langs tank en vloer | Maandelijks tot jaarlijks | Eigen medewerker |
De termijnen in deze tabel zijn de gangbare praktijk. Wat voor uw installatie geldt, staat in uw installatiecertificaat en in de keuringsrapporten, en dat is het document dat telt.
Zet alle termijnen in dezelfde keuringskalender als uw overige keuringen. Een vijftienjaarlijkse verplichting is precies het type afspraak dat tussen twee personeelswisselingen door verdwijnt.
Brandveiligheid rond de tank
Diesel heeft een hoog vlampunt en vat niet zomaar vlam. Dat maakt de opslag minder gevaarlijk dan benzine, maar niet ongevaarlijk, want eenmaal betrokken bij een brand levert een tank een grote hoeveelheid brandstof.
Zorg voor blusmiddelen bij het afleverpunt. Een schuimblusser is voor vloeistofbranden de logische keuze; ons artikel over het aantal brandblussers beschrijft hoe u de spreiding bepaalt.
Verbied roken en open vuur in de zone rond tank en afleverpunt, en breng dat zichtbaar aan. Dat is een goedkope maatregel die in elke beoordeling terugkomt.
Neem de tank ten slotte op in uw ontruimingsplan en in de informatie voor de brandweer. Een hulpverlener die niet weet dat er duizend liter diesel achter de hoek staat, neemt andere beslissingen dan een die dat wel weet.
De arbokant van tanken
Tanken is een handeling met blootstelling. Dieseldamp, huidcontact en het risico op uitglijden op een gemorste plek zijn reële arbeidsrisico's die in uw RI&E horen.
De maatregelen zijn beperkt en praktisch. Handschoenen bij het tanken, een instructie over morsen en de plek van het absorptiemateriaal, en een tankplaats met voldoende natuurlijke ventilatie.
Let extra op wanneer binnen wordt getankt, bijvoorbeeld bij intern transport. Dan telt niet alleen de damp maar ook de uitstoot van de motor mee, en dat raakt aan dieselmotoremissie, waarvoor eigen grenswaarden gelden.
Voor een aggregaat geldt hetzelfde: een noodstroomvoorziening met een eigen dagtank valt onder dezelfde logica van opvang, keuring en registratie.
Wat in het dossier hoort
Het dossier rond een dieseltank is klein maar wordt bij elk incident opgevraagd. Zes stukken volstaan.
Het installatiecertificaat van de aanleg, het laatste keuringsrapport van de tankinstallatie, en het inspectierapport van de vloeistofdichte voorziening.
De onderhoudsrapporten van de lekdetectie, de bewijzen van lediging van de olieafscheider, en uw eigen controleronde met datums.
Voeg daaraan de melding toe die u bij het bevoegd gezag heeft gedaan, of de omgevingsvergunning als die van toepassing is. Dat is het stuk waarmee u laat zien dat de activiteit bekend is.
Bewaar het geheel op één plek en dateer het. De waarde van dit dossier blijkt pas op de dag dat er iets is gebeurd, en dan is verzamelen geen optie meer.
Veelgemaakte fouten
De eerste fout is de overgenomen tank. Bij verhuizing of overname staat er ineens een tank op het terrein waarvan niemand de historie kent en waarvan de papieren bij de vorige gebruiker zijn gebleven.
De tweede fout is de lekbak vol regenwater. Een bak die tot de rand gevuld is met water, kan geen liter diesel meer opvangen, en dat is precies het scenario waarvoor hij is aangelegd.
De derde fout is de lekdetectie die in storing staat. Het alarm gaat af, iemand zet het geluid uit, en daarna is de bewaking jarenlang uit bedrijf zonder dat het opvalt.
De vierde fout is de vergeten vijftienjaarlijkse herkeuring. Die termijn is zo lang dat hij in geen enkel jaarlijks ritme meezwemt, en daarom verdwijnt hij als niemand hem in een kalender heeft gezet.
Hoe u het aanpakt
Begin bij de papieren. Zoek het installatiecertificaat en het laatste keuringsrapport, en noteer de datum waarop de volgende keuring valt. Ontbreken die stukken, dan is een keuring aanvragen de eerste stap.
Loop daarna één keer met aandacht langs de installatie. Kijk naar de opvangbak, de staat van de slang en het pistool, de conservering van de tank, de aanrijdbeveiliging en de vloer onder het afleverpunt.
Regel vervolgens het onderhoud in een contract in plaats van per gebeurtenis. Lekdetectie, olieafscheider en afleverinstallatie zijn kleine posten die als losse klussen structureel blijven liggen.
Zet ten slotte alle termijnen in uw keuringskalender en benoem één eigenaar. Daarmee is de dieseltank geen los object op het terrein meer, maar een onderdeel van uw compliancedossier dat u kunt laten zien.
Veelgestelde vragen
Als het gaat om een vaste bovengrondse opslagtank met diesel, gasolie of huisbrandolie op uw bedrijfsterrein, dan is PGS 30 de richtlijn die van toepassing is. Losse jerrycans, vaten en IBC's vallen niet onder PGS 30 maar onder PGS 15, dat over verpakte gevaarlijke stoffen gaat. Ondergrondse tanks kennen weer een eigen regime met aanvullende eisen aan bodembescherming en kathodische bescherming.
Meestal niet. Het opslaan van diesel in een bovengrondse tank is in de regel een milieubelastende activiteit met algemene regels, wat betekent dat u zich aan de voorschriften moet houden en de activiteit moet melden bij het bevoegd gezag. Een omgevingsvergunning is doorgaans pas aan de orde bij grotere hoeveelheden of bij samenloop met andere activiteiten. Vraag dit altijd na bij uw gemeente of omgevingsdienst, omdat de beoordeling per situatie verschilt.
Voor de tankinstallatie wordt in de praktijk een herkeuringstermijn van vijftien jaar aangehouden, uitgevoerd door een bedrijf dat daarvoor erkend is. Daarnaast gelden kortere termijnen voor onderdelen: de lekdetectie van een dubbelwandige tank wordt jaarlijks gecontroleerd en de vloeistofdichte voorziening onder het afleverpunt heeft een eigen inspectiecyclus. De exacte termijnen staan in uw installatiecertificaat.
Beide zijn manieren om te voorkomen dat een lekkage de bodem bereikt. Een enkelwandige tank staat in een opvangbak die de inhoud kan bevatten, gangbaar is een capaciteit van ongeveer 110 procent van de tankinhoud. Een dubbelwandige tank heeft een tweede omhulling met een ruimte ertussen die permanent wordt bewaakt door een lekdetectiesysteem. Dubbelwandig vraagt minder ruimte, maar wel jaarlijks onderhoud aan de detectie.
Plaatsen en aansluiten hoort te gebeuren door een installateur die daarvoor erkend is, met een installatiecertificaat als resultaat. Dat certificaat is het document waarmee u aantoont dat de installatie voldoet. Zonder dat certificaat is een tank in juridische zin niet aantoonbaar in orde, ook als hij technisch prima is uitgevoerd, en dat wordt pas een probleem op het moment dat er iets misgaat.
Bij diesel en gasolie in de regel niet in dezelfde mate als bij benzine, omdat het vlampunt van diesel ruim boven de omgevingstemperatuur ligt en er bij normale opslag nauwelijks explosief damp-luchtmengsel ontstaat. Rond het afleverpunt en bij verwarmde opslag kan dat anders liggen. Neem de tank altijd mee in uw explosieveiligheidsdocument, ook als de conclusie is dat er geen zone hoeft te worden aangewezen.
U bent verplicht om verontreiniging te voorkomen en, als die toch optreedt, de gevolgen te beperken en het bevoegd gezag te informeren. In de praktijk komt het neer op direct opruimen met absorberend materiaal, melden bij de omgevingsdienst en het incident vastleggen. De kosten van een bodemsanering lopen snel op, en verzekeraars kijken daarbij naar de vraag of de installatie aantoonbaar in orde en gekeurd was.
Nee. AdBlue is geen brandstof en geen gevaarlijke stof in de zin van deze richtlijn, dus PGS 30 is er niet op van toepassing. Wel gelden er praktische eisen rond opslag en morsing, en staat een AdBlue-tank vaak naast de dieseltank op dezelfde plaats. Neem hem mee in uw bodembeschermende voorzieningen, ook al is de richtlijn zelf niet van toepassing.