Wat VCA precies is
VCA staat voor VGM Checklist Aannemers, waarbij VGM staat voor veiligheid, gezondheid en milieu. Het is een certificatieschema dat wordt beheerd door de Stichting Samenwerken Voor Veiligheid (SSVV) en dat oorspronkelijk is ontwikkeld door en voor de petrochemische industrie.
De kern van het schema is een checklist waarmee een onafhankelijke certificerende instelling toetst of een bedrijf veilig, gezond en milieubewust werken structureel heeft georganiseerd. Niet incidenteel, en niet alleen op papier, maar aantoonbaar in de dagelijkse praktijk.
Belangrijk om te begrijpen: VCA is ontworpen voor bedrijven die risicovol werk uitvoeren op de locatie van een opdrachtgever. Denk aan onderhoud aan een installatie, montagewerk in een fabriek, of werk aan wegen en leidingen. Dat verklaart waarom veel magazijnbedrijven het schema slecht op zichzelf vinden passen.
Is VCA wettelijk verplicht?
Nee. Er is geen bepaling in de Arbeidsomstandighedenwet, het Arbeidsomstandighedenbesluit of de Arboregeling die VCA voorschrijft. De Nederlandse Arbeidsinspectie handhaaft de wet en niet het schema; een auditor van een certificerende instelling handhaaft het schema en niet de wet.
Wat de wet wel eist, staat in artikel 5 van de Arbowet: een risico-inventarisatie en -evaluatie met een plan van aanpak. Daar komen de plichten rond deskundige bijstand, bedrijfshulpverlening en voorlichting en onderricht bij. Dat is de harde ondergrens waarop u wordt afgerekend.
VCA komt pas in beeld op het moment dat een opdrachtgever het contractueel eist. En dan is het een harde eis: zonder certificaat komt u niet op het terrein, hoe goed uw arbozorg verder ook geregeld is.
Wanneer is VCA relevant voor een magazijn?
Een zuiver opslag- en distributiebedrijf dat alleen in het eigen pand werkt, heeft VCA meestal niet nodig. De risico's die het schema adresseert, zijn geschreven voor wisselende werklocaties met wisselende gevaren.
Er zijn vier situaties waarin het wél speelt. De eerste is als u zelf werk uitvoert op het terrein van een klant: monteurs die apparatuur installeren, een servicedienst die onderhoud doet, of medewerkers die op locatie ompakken.
De tweede is als u onderdeel bent van een keten waarin de hoofdaannemer VCA doorschuift naar alle partijen, ongeacht wat zij doen. Dat gebeurt bij bouwlogistiek, projectlogistiek en industriële toelevering met regelmaat.
De derde is als u zelf technische dienst in huis heeft die werk uitvoert dat onder een VCA-regime valt bij derden. De vierde is commercieel van aard: sommige tenders geven punten voor VCA, ook als het schema inhoudelijk niet past. Dat is een marketingafweging en geen veiligheidsafweging, en het is eerlijk om dat als zodanig te benoemen.
VCA-ster, VCA-tweester en VCA Petrochemie
Het bedrijfscertificaat kent drie niveaus. Ze verschillen niet in strengheid van de veiligheidseisen op de vloer, maar in de reikwijdte van wat er wordt getoetst.
| Niveau | Voor wie | Wat er extra wordt getoetst |
|---|---|---|
| VCA-ster (VCA*) | Uitvoerende bedrijven en onderaannemers zonder eigen onderaannemers | Directe beheersing van VGM op de werkvloer |
| VCA-tweester (VCA**) | Hoofdaannemers en grotere bedrijven met onderaannemers | VGM-structuur: beleid, doelstellingen, interne audits, incidentonderzoek, aansturing derden |
| VCA Petrochemie (VCA-P) | Bedrijven die werken in de petrochemische industrie | Aanvullende eisen bovenop VCA-tweester, specifiek voor procesinstallaties |
Kies niet automatisch het zwaarste niveau. De opdrachtgever schrijft doorgaans expliciet voor welk niveau vereist is, en een tweestercertificaat behalen terwijl uw klant een ster vraagt, kost onnodig veel tijd en geld.
Wat verandert er in VCA 2026/6.1?
Op 1 juli 2026 is VCA 2026/6.1 in werking getreden als opvolger van VCA 2017/6.0, dat negen jaar het geldende schema was. De nieuwe versie is direct van toepassing op nieuwe én lopende certificeringen: de eerstvolgende audit na 1 juli 2026 verloopt volgens de nieuwe richtlijnen, zonder ruime overgangsperiode.
De inhoudelijke verschuiving zit op twee punten. Ten eerste meer aandacht voor veiligheidscultuur en veilig gedrag op de werkvloer, in plaats van voor de aanwezigheid van documenten. Ten tweede meer nadruk op de leiderschapsvaardigheden van leidinggevenden: kunnen zij aanspreken, voorbeeldgedrag laten zien en veiligheid bespreekbaar maken?
Praktisch gevolg: een auditor vraagt vaker door op wat er zichtbaar op de vloer gebeurt. Werkplekinspecties, toolboxmeetings en aanspreekgedrag worden belangrijker bewijsmateriaal dan de map met procedures. Wie zijn certificering vooral op papier had georganiseerd, merkt dat bij de eerste audit onder het nieuwe schema.
B-VCA en VOL-VCA: de diploma's
Naast het bedrijfscertificaat kent VCA twee persoonscertificaten, en die worden vaak los van elkaar geëist. Ook zonder bedrijfscertificaat kan een klant vragen dat uw medewerkers een VCA-diploma hebben.
B-VCA, voluit Basisveiligheid VCA, is bedoeld voor uitvoerende medewerkers. Het examen bestaat uit 40 vragen in 60 minuten. VOL-VCA, Veiligheid voor Operationeel Leidinggevenden, is bedoeld voor voorlieden, teamleiders en leidinggevenden. Per 1 januari 2026 zijn de eind- en toetstermen aangepast: het VOL-examen ging van 70 naar 60 vragen en van 75 naar 60 minuten.
Beide diploma's zijn tien jaar geldig vanaf de examendatum. Er bestaat geen verkorte herhaling zoals bij BHV; na tien jaar volgt een volledig nieuw examen. Houd die vervaldata bij in dezelfde planning waarin uw keuringen staan, want een verlopen diploma valt bij een audit direct op.
Wat kost VCA-certificering?
Splits de kosten in twee posten, want ze gedragen zich anders.
De persoonscertificaten zijn voorspelbaar. Het examen voor B-VCA of VOL-VCA kost in 2026 rond de 110 euro per persoon exclusief btw. Daar komt eventueel een cursus bij en de verletkosten van een dagdeel per medewerker. Voor een ploeg van vijftien medewerkers praat u over een eenmalige investering die u over tien jaar mag uitsmeren.
De bedrijfscertificering is de grotere en minder voorspelbare post. Een certificerende instelling bepaalt de auditduur op basis van het aantal medewerkers en het aantal locaties. Daar bovenop komt de interne inspanning: het inrichten van het VGM-systeem, het uitvoeren van werkplekinspecties, het vastleggen van incidentonderzoek en het organiseren van interne audits.
Reken voor een klein tot middelgroot bedrijf op enkele duizenden euro's in het eerste jaar, met lagere kosten in de jaren daarna voor de opvolgingsaudits. De grootste kostenpost is bijna nooit de auditfactuur maar de uren die er intern in gaan zitten.
VCA en de RI&E: geen vervanging
Dit is het misverstand dat de meeste schade aanricht. Een VCA-certificaat is geen bewijs dat u aan de Arbowet voldoet, en een getoetste RI&E maakt u geen VCA-bedrijf.
Het VCA-schema verlangt een risico-inventarisatie, maar dat is een schema-eis. De wettelijke RI&E uit artikel 5 van de Arbowet heeft een eigen reikwijdte, een eigen plan van aanpak en in veel gevallen een eigen toetsingsplicht door een gecertificeerde kerndeskundige. De Arbeidsinspectie kijkt naar de wettelijke variant en accepteert een VCA-document niet als vervanging.
De verstandige inrichting is er één met één bron. Gebruik de wettelijke RI&E als basisdocument en leid daar de VCA-documentatie uit af. Wie twee losse risico-inventarisaties onderhoudt, krijgt gegarandeerd twee verschillende waarheden, en dat valt bij zowel een audit als een inspectiebezoek op.
De omgekeerde vraag: VCA eisen van uw aannemers
Voor de meeste magazijnen is dit de relevantere invalshoek. In een distributiecentrum lopen structureel derden rond: installateurs aan de laadinfrastructuur, stellingmonteurs, dakdekkers, keurders van blusmiddelen en monteurs aan de overheaddeuren.
Artikel 19 van de Arbowet regelt de samenwerking bij werk door meerdere werkgevers op één locatie: u bent medeverantwoordelijk voor de veiligheid van iedereen die bij u aan het werk is. VCA eisen van uw aannemers is een praktische manier om die zorg vorm te geven, en het is bovendien eenvoudig te controleren.
Maar het is geen vrijbrief. U blijft verantwoordelijk voor het afstemmen van de werkzaamheden, het instrueren over uw eigen risico's en het toezien op naleving. Bij risicovol werk hoort bovendien een werkvergunning, en bij werk aan installaties een aantoonbare energiescheiding volgens lock-out tag-out. Leg dat vast in een aannemersinstructie die u bij aankomst laat aftekenen.
Het certificeringstraject in vier fasen
Besluit u tot bedrijfscertificering, dan verloopt het traject in grote lijnen als volgt.
In de eerste fase bepaalt u de scope en het niveau. Welke activiteiten en welke locaties vallen eronder, en vraagt uw opdrachtgever een ster of twee sterren? Deze keuze bepaalt de rest van het traject en is achteraf lastig te wijzigen.
In de tweede fase richt u het VGM-systeem in: beleid, doelstellingen, risico-inventarisatie, werkplekinspecties, incidentmelding en -onderzoek, toolboxen en de opleidingsmatrix. Dit is de fase waar de uren in gaan zitten en die doorgaans enkele maanden duurt.
In de derde fase draait u het systeem een periode aantoonbaar. Een auditor wil bewijs zien over een reële termijn, niet drie werkplekinspecties uit de week voor de audit. In de vierde fase volgt de audit door een certificerende instelling, waarna het certificaat drie jaar geldig is met jaarlijkse opvolgingsaudits.
Vier valkuilen bij VCA in de logistiek
De eerste is scope-creep. Bedrijven laten het hele bedrijf certificeren terwijl alleen de servicedienst op klantlocatie werkt. Dat verhoogt de auditlast en de kosten zonder dat de opdrachtgever erom vroeg.
De tweede is het papieren systeem. Onder VCA 2026/6.1 is dat risicovoller geworden: de nadruk op cultuur en gedrag betekent dat een auditor doorvraagt naar wat er op de vloer gebeurt en met wie hij daarover kan spreken.
De derde is dubbele administratie. Een aparte VCA-risico-inventarisatie naast de wettelijke RI&E, een aparte incidentregistratie naast de meldingen van bedrijfsongevallen, een aparte opleidingsmatrix naast het personeelsdossier. Dat loopt binnen een jaar uit elkaar.
De vierde is de verlopen diploma's. Tien jaar is lang genoeg om het te vergeten en kort genoeg om er tijdens de looptijd van een contract tegenaan te lopen. Zet de vervaldata in dezelfde planning als uw keuringen.
Alternatieven en aanvullende schema's
VCA is niet het enige schema dat opdrachtgevers vragen. Voor magazijnbedrijven zijn er drie die vaker langskomen.
De Safety Culture Ladder, in Nederland ook bekend als de Veiligheidsladder, meet de veiligheidscultuur op vijf treden en wordt sinds enkele jaren in aanbestedingen gebruikt, vooral in de bouw en de infrastructuur. Het schema meet houding en gedrag en niet de aanwezigheid van documenten.
ISO 45001 is de internationale norm voor arbomanagementsystemen. Die is breder dan VCA, richt zich op de eigen organisatie in plaats van op werk bij derden en past daardoor beter bij een magazijn dat zijn arbozorg systematisch wil borgen.
Daarnaast kennen sommige branches eigen schema's, en geldt voor het werk in uw eigen pand gewoon de Arbowet met de bijbehorende verplichtingen. Kies op basis van wat uw klanten vragen en wat uw eigen risico's zijn, niet op basis van welk logo het beste staat.
Beslisschema: heeft u VCA nodig?
Vier vragen brengen u meestal tot een besluit.
- Voeren uw medewerkers werk uit op het terrein van een klant? Zo nee, dan is VCA waarschijnlijk niet nodig.
- Eist een bestaande of beoogde opdrachtgever het contractueel? Zo ja, vraag welk niveau en of het bedrijfscertificaat of alleen de persoonsdiploma's zijn vereist.
- Gaat het om enkele medewerkers of om een hele afdeling? Bij enkele medewerkers volstaan de persoonscertificaten vaak.
- Is uw wettelijke basis op orde? Begin daar. VCA bovenop een ontbrekende of verouderde RI&E bouwen is de verkeerde volgorde.
Checklist VCA-afweging
Loop deze punten af voordat u een certificeringstraject start of afwijst.
- Vraag schriftelijk na welk VCA-niveau uw opdrachtgever eist en of het bedrijfs- of persoonscertificaat betreft.
- Bepaal de scope: welke activiteiten en locaties vallen er wel en niet onder.
- Controleer of uw wettelijke RI&E actueel en waar nodig getoetst is, vóór u aan VCA begint.
- Inventariseer welke medewerkers al een B-VCA- of VOL-VCA-diploma hebben en wanneer die verlopen.
- Houd rekening met VCA 2026/6.1 bij de eerstvolgende audit: cultuur, gedrag en leiderschap wegen zwaarder.
- Gebruik één risico-inventarisatie als bron voor zowel de wettelijke verplichting als de schema-eis.
- Leg vast welke eisen u zelf stelt aan aannemers die in uw pand werken, inclusief werkvergunning en instructie.
- Zet diploma-vervaldata en de auditcyclus in dezelfde planning als uw wettelijke keuringen.
Het eerlijke antwoord voor veel magazijnen luidt: u heeft VCA niet nodig, maar u heeft uw wettelijke arbozorg wel aantoonbaar op orde te hebben. Dat laatste wordt gecontroleerd door de Nederlandse Arbeidsinspectie, ongeacht welke certificaten er aan de muur hangen.
Veelgestelde vragen
Nee. VCA is een certificatieschema van de Stichting Samenwerken Voor Veiligheid en geen wetgeving. Er is geen enkele bepaling in de Arbowet, het Arbobesluit of de Arboregeling die VCA voorschrijft. Wat wel wettelijk verplicht is, is de risico-inventarisatie en -evaluatie uit artikel 5 van de Arbowet, met een plan van aanpak, deskundige bijstand, bedrijfshulpverlening en voorlichting. VCA komt in beeld op het moment dat een opdrachtgever het contractueel eist, en dat gebeurt vooral in de bouw, de industrie, de installatietechniek en de petrochemie. Een magazijn dat uitsluitend in het eigen pand werkt, krijgt die eis in de praktijk zelden.
Het verschil zit in de rol die uw bedrijf in de keten vervult. VCA-ster richt zich op bedrijven die vooral als uitvoerende partij of onderaannemer werken en geen eigen onderaannemers inzetten. De nadruk ligt op de directe beheersing van veiligheid, gezondheid en milieu op de werkvloer. VCA-tweester is bedoeld voor hoofdaannemers en grotere bedrijven die zelf met onderaannemers werken. Daar wordt aanvullend getoetst op de VGM-structuur van de organisatie: beleid, doelstellingen, interne audits, incidentonderzoek en de aansturing van derden. Daarnaast bestaat VCA Petrochemie, dat bovenop VCA-tweester extra eisen stelt voor werk in de petrochemische industrie.
VCA 2026/6.1 vervangt VCA 2017/6.0 en treedt in werking op 1 juli 2026. De nieuwe versie geldt zowel voor nieuwe als voor lopende certificeringen: de eerstvolgende audit na die datum verloopt al volgens het nieuwe schema, zonder lange overgangstermijn. Inhoudelijk verschuift de nadruk naar veiligheidscultuur, veiligheidsgedrag op de werkvloer en aantoonbare leiderschapsvaardigheden van leidinggevenden. Dat betekent in de praktijk dat een auditor minder genoegen neemt met een map vol procedures en meer doorvraagt op wat er op de vloer zichtbaar gebeurt, bijvoorbeeld tijdens werkplekinspecties en toolboxen.
Een B-VCA-diploma en een VOL-VCA-diploma zijn tien jaar geldig vanaf de examendatum. Daarna is een nieuw examen nodig; er bestaat geen verkorte herhalingsroute zoals bij BHV. De komst van VCA 2026/6.1 heeft geen gevolgen voor diploma's die al zijn behaald: die blijven hun volledige looptijd geldig. Wel zijn de eind- en toetstermen per 1 januari 2026 aangepast, waardoor het VOL-VCA-examen van 70 naar 60 vragen is gegaan en de examentijd is teruggebracht naar 60 minuten. Het B-VCA-examen bleef op 40 vragen in 60 minuten.
Er zijn twee kostenposten die u los van elkaar moet bekijken. De persoonscertificaten kosten in 2026 ongeveer 110 euro per examen exclusief btw, plus eventuele cursuskosten en de verletkosten van een dagdeel per medewerker. De bedrijfscertificering is de grotere post: een certificerende instelling rekent een auditprijs die afhangt van het aantal medewerkers en het aantal locaties, en daar komt de interne inspanning bij om het VGM-systeem in te richten. Voor een klein tot middelgroot bedrijf komt het eerste jaar doorgaans op enkele duizenden euro's uit, met lagere jaarlijkse kosten daarna voor de opvolgingsaudits.
Nee, en dat is een van de hardnekkigste misverstanden. Het VCA-schema verlangt weliswaar een risico-inventarisatie, maar dat is een schema-eis en geen invulling van de wettelijke plicht. De RI&E uit artikel 5 van de Arbowet heeft een eigen reikwijdte, een eigen plan van aanpak en in veel gevallen een eigen toetsingsplicht door een gecertificeerde kerndeskundige. Andersom geldt hetzelfde: een getoetste RI&E maakt u nog geen VCA-gecertificeerd bedrijf. In de praktijk gebruiken bedrijven die beide hebben één risico-inventarisatie als bron en leiden ze daar de VCA-documentatie uit af, zodat er geen twee losse waarheden ontstaan.
Dat is voor de meeste magazijnen de relevantere vraag. Als werkgever bent u op grond van artikel 19 van de Arbowet medeverantwoordelijk voor de veiligheid van iedereen die op uw locatie werkt, ook als het personeel van een derde is. VCA eisen van installateurs, dakdekkers, stellingmonteurs en keurders is een praktische manier om die zorg in te vullen, maar het is geen vrijbrief. U blijft verantwoordelijk voor het afstemmen van de werkzaamheden, het uitgeven van werkvergunningen bij risicovol werk, het instrueren over uw eigen risico's en het toezien op de naleving. Leg dat vast in een aannemersinstructie en in het contract.