Wat is een preventiemedewerker
De preventiemedewerker is de werknemer die binnen een bedrijf meehelpt om arbeidsrisico's te voorkomen. Hij of zij is het interne aanspreekpunt voor veilig en gezond werken en ondersteunt de werkgever bij het uitvoeren van de maatregelen die uit de risico-inventarisatie en -evaluatie volgen. De functie is verplicht sinds 2005 en is sinds juli 2017 verder aangescherpt.
In een magazijn is dat geen papieren rol. De preventiemedewerker kijkt mee naar het scheiden van heftruckverkeer en voetgangers, naar beschadigde stellingen en naar de opvolging van keuringen. Hij vertaalt de wettelijke eisen naar de dagelijkse praktijk op de werkvloer.
De wettelijke basis staat in artikel 13 van de Arbowet. Daarin staat dat de werkgever zich laat bijstaan door een of meer deskundige werknemers bij de uitvoering van het arbobeleid.
Is een preventiemedewerker verplicht
Ja. Vrijwel elke werkgever in Nederland is verplicht ten minste een preventiemedewerker aan te stellen. De verplichting geldt ongeacht de sector, dus ook voor een magazijn of distributiecentrum. De enige uitzondering op de aanstelplicht is dat de werkgever bij een klein bedrijf de rol zelf mag vervullen.
De preventiemedewerker is een van de pijlers waarmee de werkgever invulling geeft aan zijn zorgplicht uit de Arbowet. Die zorgplicht draait om het systematisch in kaart brengen en beheersen van risico's, en de preventiemedewerker is de persoon die dat van binnenuit bewaakt. Volgens de Nederlandse Arbeidsinspectie hoort bij de aanstelling ook een duidelijke vastlegging van de taken.
Het ontbreken van een preventiemedewerker is een tekortkoming die de Arbeidsinspectie bij een controle kan vaststellen. De inspectie kan een waarschuwing, een eis tot naleving of een boete opleggen wanneer de werkgever de verplichting niet aantoonbaar invult.
De wettelijke taken van de preventiemedewerker
De Arbowet kent de preventiemedewerker drie wettelijke kerntaken toe. Die taken vormen het minimum; in overleg met de werkgever kan de preventiemedewerker meer oppakken. De drie taken samen zorgen dat risico's worden gezien, besproken en opgevolgd.
De eerste taak is het meewerken aan de risico-inventarisatie en -evaluatie. De preventiemedewerker helpt de risico's in kaart te brengen en mee te denken over het bijbehorende plan van aanpak. De tweede taak is het adviseren van en samenwerken met de bedrijfsarts, andere arbodienstverleners en de ondernemingsraad of personeelsvertegenwoordiging.
De derde taak is het meehelpen aan de uitvoering van de maatregelen die uit de RI&E volgen. Denk aan voorlichting over werkinstructies, het juiste gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen en het bewaken dat afgesproken maatregelen daadwerkelijk worden uitgevoerd. Het Arboportaal beschrijft deze taken als de basis van de functie.
Deze taken sluiten direct aan op de RI&E voor je magazijn en op het plan van aanpak dat daarbij hoort.
De rol van de preventiemedewerker in een magazijn
In een magazijn of distributiecentrum krijgen de algemene taken een herkenbare invulling. De risico's zijn fysiek en zichtbaar, en de preventiemedewerker is degene die ze op de werkvloer volgt. Dat maakt de rol in de logistiek concreter dan in een kantooromgeving.
De aandacht gaat vooral uit naar het verkeer van heftrucks en reachtrucks, de staat van de magazijnstellingen, brandveiligheid en de orde op vluchtroutes. De preventiemedewerker signaleert wanneer een stelling is aangereden, wanneer een keuring verloopt of wanneer pallets een nooduitgang blokkeren.
Aansluiting op keuringen en onderhoud
Een belangrijk deel van het werk is het bewaken dat keuringen en onderhoud op tijd plaatsvinden. De preventiemedewerker hoeft de keuringen niet zelf uit te voeren, maar bewaakt wel dat ze gepland en gedocumenteerd zijn. Dat geldt voor heftrucks, stellingen, elektrische arbeidsmiddelen en blusmiddelen.
Die bewakende rol werkt het beste met een centraal overzicht van alle keuringstermijnen en documenten. Zo voorkomt de preventiemedewerker dat een gemiste keuring pas bij een ongeval of inspectie aan het licht komt.
Wie mag de preventiemedewerker zijn
De preventiemedewerker is in beginsel een werknemer van het bedrijf zelf. De gedachte is dat iemand die de organisatie en de werkvloer kent, risico's eerder ziet en sneller kan bijsturen dan een externe partij. Alleen als er binnen het bedrijf onvoldoende deskundigheid is, mag de werkgever een externe deskundige inschakelen.
Bij een bedrijf met ten hoogste 25 werknemers mag de werkgever de rol zelf vervullen. Dat is een uitzondering die past bij de kleinere schaal, waar de eigenaar vaak dagelijks op de vloer staat. Boven die grens moet de werkgever een of meer werknemers als preventiemedewerker aanwijzen.
Belangrijk is dat het aantal en de deskundigheid passen bij de risico's. Een magazijn met zware logistieke risico's en ploegendienst vraagt meer dan een symbolische aanwijzing. De rol moet aantoonbaar worden ingevuld, niet alleen op papier bestaan.
Een preventiemedewerker aanstellen: stappen
Het aanstellen van een preventiemedewerker is meer dan een naam noteren. De aanstelling moet aansluiten op de risico's uit de RI&E en op een duidelijke taakomschrijving. Een gestructureerde aanpak voorkomt dat de rol leeg blijft.
In de praktijk komt het neer op een vaste reeks stappen, die de werkgever aantoonbaar doorloopt en vastlegt.
| Stap | Wat u doet |
|---|---|
| 1. Risico's bepalen | Gebruik de RI&E om vast te stellen welke deskundigheid nodig is |
| 2. Persoon kiezen | Wijs een geschikte werknemer aan of vervul de rol zelf bij 25 of minder werknemers |
| 3. Taken vastleggen | Beschrijf de drie wettelijke taken en eventuele extra taken |
| 4. Instemming regelen | Vraag bij een OR of PVT instemming met persoon en positie |
| 5. Tijd en middelen | Maak tijd, budget en eventueel scholing beschikbaar |
| 6. Bekendmaken | Maak intern bekend wie de preventiemedewerker is en waarvoor |
Instemming van de ondernemingsraad
Heeft het bedrijf een ondernemingsraad of een personeelsvertegenwoordiging, dan mag de werkgever de preventiemedewerker niet eenzijdig aanwijzen. De OR of PVT heeft instemmingsrecht op zowel de keuze van de persoon als de positie van de preventiemedewerker in de organisatie.
Dat instemmingsrecht is verankerd in artikel 27 van de Wet op de ondernemingsraden. De achtergrond is dat werknemers betrokken horen te zijn bij beslissingen over hun arbeidsomstandigheden, en de keuze voor de preventiemedewerker raakt daar direct aan.
Zonder de vereiste instemming is de aanstelling niet rechtsgeldig. Voor een magazijn met een OR betekent dit dat de aanwijzing en de taakomschrijving vooraf met de raad worden afgestemd en vastgelegd.
Kennis, tijd en middelen
De wet stelt geen verplicht diploma, maar wel de eis dat de preventiemedewerker voldoende deskundig is. Die deskundigheid moet passen bij de risico's van het bedrijf. Voor een magazijn betekent dat kennis van heftruckveiligheid, stellingen, brand en het beoordelen van keuringen en een plan van aanpak.
Even belangrijk is dat de preventiemedewerker daadwerkelijk tijd krijgt. Een rol die er los bovenop komt zonder vrijgemaakte uren blijft in de praktijk liggen. De werkgever moet daarom tijd, budget en zo nodig scholing beschikbaar stellen.
De maatregelen die de preventiemedewerker helpt opvolgen, kiest hij volgens de systematiek van de Arbowet, waarbij risico's bij voorkeur bij de bron worden aangepakt. Dat principe staat los van de omvang van het bedrijf en geldt voor elke maatregel die uit de RI&E komt.
Wat de Arbeidsinspectie controleert
Bij een controle of na een ongeval kijkt de Nederlandse Arbeidsinspectie of de preventiemedewerker aantoonbaar is geregeld. De inspecteur vraagt niet alleen naar een naam, maar naar de invulling van de rol in de praktijk.
Concreet gaat het om de aanstelling zelf, een heldere taakomschrijving, de aantoonbare betrokkenheid bij de RI&E en het plan van aanpak, en bij een OR de instemming. Ook de beschikbare tijd en deskundigheid komen aan bod.
Een bedrijf dat dit op orde heeft, laat zien dat veiligheid structureel is belegd. Dat is precies het signaal dat de inspectie zoekt, en het verkleint het risico op een handhavingstraject. De toelichting van het Arboportaal bevestigt deze onderdelen.
Preventiemedewerker uitbesteden of intern beleggen
De wet gaat ervan uit dat de preventiemedewerker een eigen werknemer is. Toch worstelen veel magazijnen met de vraag of ze de rol volledig intern beleggen of deels extern laten ondersteunen. Het antwoord hangt af van de aanwezige kennis en de zwaarte van de risico's.
Intern beleggen heeft als voordeel dat iemand de werkvloer, de mensen en de gewoonten kent. Die nabijheid zorgt dat risico's eerder worden gezien en sneller worden opgepakt. Het nadeel is dat de benodigde kennis soms ontbreekt of dat de rol er los bovenop komt zonder vrijgemaakte tijd.
Externe ondersteuning kan dat gat vullen, bijvoorbeeld voor de jaarlijkse toets van de RI&E of voor specialistische kennis. De wet staat externe bijstand toe wanneer de interne deskundigheid tekortschiet. De interne preventiemedewerker blijft dan bestaan, aangevuld met externe expertise op de momenten die daarom vragen.
Voor de meeste magazijnen werkt een mengvorm het beste: een interne preventiemedewerker die de dagelijkse signalering doet, ondersteund door externe deskundigheid waar dat nodig is.
Veelgemaakte fouten
De meest voorkomende fout is de preventiemedewerker alleen op papier aanwijzen, zonder tijd, taken of middelen. De rol bestaat dan formeel, maar doet in de praktijk niets. Bij een ongeval of controle valt dat direct op.
Een tweede fout is de instemming van de OR overslaan. Een derde is de deskundigheid niet afstemmen op de werkelijke risico's, bijvoorbeeld door een kantoormedewerker aan te wijzen voor een magazijn met zwaar intern transport zonder bijbehorende kennis.
Tot slot wordt de koppeling met de RI&E vaak gemist. De preventiemedewerker hoort juist het scharnierpunt te zijn tussen de risico's op papier en de maatregelen op de vloer. Wie die koppeling goed legt, haalt het meeste uit de rol.
Veelgestelde vragen
Ja. Op grond van artikel 13 van de Arbowet moet vrijwel elke werkgever ten minste een preventiemedewerker aanstellen. Dat geldt ook voor een magazijn of distributiecentrum. De preventiemedewerker ondersteunt de werkgever bij het uitvoeren van de maatregelen voor veilig en gezond werken die uit de RI&E volgen.
Ja, maar alleen als uw bedrijf ten hoogste 25 werknemers heeft. Dan mag u de rol zelf vervullen. Boven die grens moet u een of meer werknemers aanwijzen. Ook als u de rol zelf vervult, moet u aantoonbaar de wettelijke taken uitvoeren en daarvoor tijd en kennis hebben.
De Arbowet noemt drie kerntaken: meewerken aan het opstellen en uitvoeren van de risico-inventarisatie en -evaluatie, adviseren en samenwerken met de bedrijfsarts en andere arbodienstverleners en de ondernemingsraad, en meehelpen aan het uitvoeren van de maatregelen tegen de risico's uit de RI&E.
Ja. Heeft het bedrijf een ondernemingsraad of personeelsvertegenwoordiging, dan heeft die instemmingsrecht op de keuze van de persoon en de positie van de preventiemedewerker in de organisatie. Dat is geregeld in artikel 27 van de Wet op de ondernemingsraden. Zonder die instemming is de aanstelling niet rechtsgeldig.
De wet schrijft minimaal een preventiemedewerker voor. Het werkelijke aantal hangt af van de omvang van het bedrijf en de aard en zwaarte van de risico's. Een magazijn met intensief heftruckverkeer, ploegendienst en meerdere vestigingen vraagt om meer capaciteit dan een klein bedrijf met beperkte risico's.
De preventiemedewerker richt zich op het voorkomen van risico's en op de RI&E. De bedrijfshulpverlener treedt op tijdens een noodsituatie, zoals een ontruiming, brand of ongeval. Het zijn verschillende wettelijke rollen, al kan in een klein bedrijf dezelfde persoon beide functies vervullen.
De wet stelt geen verplichte opleiding of diploma. Wel moet de preventiemedewerker over voldoende deskundigheid beschikken om de taken uit te voeren, passend bij de risico's in het bedrijf. Voor een magazijn betekent dat kennis van heftruckveiligheid, stellingen, brand en het beoordelen van een plan van aanpak.