AED, noodverlichting en EHBO op orde? Plan een compliance scan voor uw magazijn. AED en noodverlichting op orde? · Keuring, register en jaarlijkse update in één bundel Hoe het werkt →

Noodverlichting in een magazijn: lux-eisen, plaatsing en valkuilen

Geschreven door Envora Laatst bijgewerkt op 6 mei 2026 · Leestijd 10 minuten
Relevant voor

Noodverlichting in een magazijn moet voldoen aan NEN-EN 1838:2024 lux-eisen op vloerniveau bij elke vluchtweg en aan plaatsings-eisen langs alle hoofdgangpaden, niet alleen bij uitgangen. Voor een magazijn met hoge stellingen geldt 1 lux op vloerniveau in vluchtwegen, 0,5 lux in open ruimtes en bij hoog-risico werkplekken (laadstations, machinegangen) minimaal 15 lux of 10 procent van normale verlichting. Plaatsing van armaturen op kruisingen, richtingsveranderingen en bij elke uitgang met maximale onderlinge afstand 15 meter. Een DC met 5.000 m2 heeft typisch 30 tot 80 armaturen; jaarlijks onderhoud kost 800 tot 2.500 euro.

Envora — magazijn-compliance in beeld

In het kort

Wettelijk kader voor magazijnen

Noodverlichting in een magazijn valt onder twee NEN-normen die samen het wettelijk kader vormen. NEN-EN 1838:2024 stelt eisen aan de verlichtingssterkte en de plaatsing. NEN-EN 50172:2004 stelt eisen aan de installatie, de testen en het logboek. Beide normen worden via het Bouwbesluit en de Arbowet artikel 3.7 als praktijkrichtlijn aangewezen.

Specifiek voor magazijnen geldt aanvullend dat de hoofdgangpaden tussen stellingen worden behandeld als vluchtwegen, niet als open ruimtes. Dat betekent een hogere lux-eis (1 lux) en een striktere plaatsing-eis (maximaal 15 meter onderlinge afstand) dan in een kantooromgeving. In de praktijk leidt dit tot een hogere armatuur-dichtheid in DC's dan in vergelijkbare kantoorpanden. Voor de complete eisen aan breedte, loopafstand en pictogrammen op deze hoofdgangpaden zie het artikel vluchtwegen in een magazijn.

Noodverlichting magazijn met vluchtroute langs hoge stellingen NEN-EN 1838

Lux-eisen NEN-EN 1838 per ruimte

NEN-EN 1838:2024 onderscheidt drie soorten ruimtes met elk een eigen lux-eis op vloerniveau gedurende minimaal 1 uur na uitval netspanning.

Ruimte-typeLux-eis op vloerniveauToepassing in DC
VluchtwegMinimaal 1 luxHoofdgangpaden, gangen tussen stellingen, route naar uitgang
Open ruimte (anti-paniek)Minimaal 0,5 luxCentrale ontvangstruimte, kantine, stop-area, opslagruimtes zonder werknemers
Hoog-risico werkplekMinimaal 15 lux of 10 procent normale verlichtingLaadstations 380V, machinegangen, transportbanden, draaiende apparatuur

Meting van lux op vloerniveau

De meting wordt uitgevoerd met een gekalibreerde lux-meter op vloerniveau (10 cm boven de vloer) langs de complete vluchtweg. Bij een audit van de Nederlandse Arbeidsinspectie of van een verzekeraar wordt deze meting bij volledig uitgeschakelde hoofdstroom uitgevoerd. Een armatuur die bij lege stelling 1,5 lux levert maar bij volle stelling 0,7 lux levert, voldoet niet aan de norm.

Plaatsing van armaturen

NEN-EN 1838:2024 schrijft vier plaatsings-momenten voor waar een armatuur verplicht is, plus een maximale onderlinge afstand.

Vier verplichte plaatsings-momenten

Een: bij elke kruising van vluchtwegen, zodat de richting bij paniek-evacuatie zichtbaar blijft. Twee: bij elke richtingsverandering van de vluchtweg, zodat een medewerker bij elke afslag het juiste pad ziet. Drie: bij elke uitgang van het gebouw, met een armatuur boven of naast de deur. Vier: bij elke trap of niveauverandering, om val-incidenten bij evacuatie te voorkomen.

Maximale onderlinge afstand 15 meter

Tussen deze verplichte plaatsings-momenten geldt een maximale onderlinge afstand van 15 meter langs de vluchtweg. Voor een hoofdgangpad van 100 meter zijn dat minimaal 7 armaturen (vermeerderd met armaturen bij elke kruising en richtingsverandering). De praktijk-vuistregel: in een DC plaatst men typisch 1 armatuur per 100 m2 vloeroppervlak in de magazijn-zones, plus extra in laadstations en kantoor-zones.

In praktijk

Bij een nieuwe DC-installatie wordt vaak een lichtberekening gemaakt op basis van de tekening van de stellingen. Eis bij oplevering een meet-rapport van werkelijk gemeten lux-waardes na installatie van de stellingen, niet alleen een theoretische berekening. Het verschil tussen ontwerp en werkelijkheid kan 30 procent bedragen.

Uitdaging: hoge stellingen en schaduwen

De grootste praktijk-uitdaging bij noodverlichting in een magazijn is de schaduw-werking van hoge stellingen. Een armatuur die hoog aan de magazijn-balk hangt levert bij lege stellingen voldoende lux op vloerniveau, maar bij volle stellingen kan de schaduw-werking de lux op vloerniveau halveren of meer.

Typische probleem-zones

Drie typische probleem-zones in een DC. Een: gangpaden tussen stellingen langer dan 50 meter, waar de schaduw-werking aan de uiteinden cumulatief is. Twee: smalle gangpaden tussen hoge stellingen, waar de armatuur boven het gangpad onvoldoende reikt naar de wanden. Drie: dwars-gangpaden tussen rij-en van stellingen, waar de armatuur typisch te ver weg staat.

Praktijk-oplossingen

Vier oplossingen worden in DC's toegepast. Een: extra armaturen op lagere hoogte in het gangpad, gericht op vloerniveau. Twee: armaturen met breder lichtspreiding (asymmetrische optiek) die meer licht naar de wanden geven. Drie: armaturen met retro-reflectoren bovenaan stellingen die het licht naar beneden weerkaatsen. Vier: lagere armatuur-positie boven elk gangpad-uiteinde plus reguliere boven-armaturen.

Bij herinrichting van stellingen (verlegging gangpaden, hogere of lagere stellingen) is het essentieel om noodverlichting opnieuw te valideren met lux-meting onder werkelijke (volle stellingen) omstandigheden.

Hoog-risico werkplekken

Hoog-risico werkplekken in een magazijn vereisen volgens NEN-EN 1838:2024 een aanzienlijk hogere noodverlichtings-sterkte: minimaal 15 lux of 10 procent van de normale verlichtingssterkte, afhankelijk van welke hoger uitkomt. Voor een werkplek met normale verlichting van 500 lux geldt dus minimaal 50 lux noodverlichting.

Vier hoog-risico zones in een DC

Een: laadstations 380V voor heftrucks, waar bij stroomuitval het risico op aanraking-letsel of brand verhoogd is. Twee: machinegangen waar draaiende apparatuur (transportbanden, palletteer-machines, sorteer-installaties) bij plotse uitschakeling letsel kan veroorzaken. Drie: zones met chemische opslag (gevaarlijke stoffen) waar bij stroomuitval de afzuiging stopt en concentraties kunnen oplopen. Vier: kantine of pauzeruimtes met aanwezige open vlam (gasfornuis), waar bij stroomuitval het risico op paniek bij gas-aanwezigheid verhoogd is.

Praktijk: een DC met 1 laadstation, 2 machinegangen en een kantine heeft typisch 5 tot 8 hoog-risico armaturen die afzonderlijk worden gevalideerd op de 15-lux-eis.

Hoogbouw en autonomie

Voor hoogbouw-magazijnen met stellingen hoger dan 12 meter of met evacuatie-traject langer dan 30 meter geldt typisch een hogere autonomie-eis dan het standaard 1 uur uit NEN-EN 1838.

Wanneer geldt 2 of 3 uur autonomie

Twee criteria bepalen de noodzaak voor langere autonomie. Een: evacuatie-traject langer dan 30 meter, gemeten vanaf het verste werkplek tot een veilige uitgang. Twee: aanwezigheid van trappen of grote hoogteverschillen die de evacuatie-tijd vertragen. Voor een hoogbouw-magazijn met stellingen tot 15 meter en bordessen op tussenniveau wordt 2 uur autonomie gangbaar voorgeschreven. Voor zeer grote DC's met evacuatie-traject langer dan 75 meter kan 3 uur worden geeist.

Praktijk-implicatie voor batterij-units

Een 2-uurs autonomie vereist grotere batterij-units in elke armatuur (decentraal) of een grotere centrale UPS-installatie. Bij vervanging van armaturen na 10 tot 15 jaar levensduur is het cruciaal om de juiste autonomie-spec te bestellen; een armatuur met 1 uur autonomie waar 2 uur is voorgeschreven, voldoet niet aan de norm.

Kosten in een gemiddeld DC

Voor een gemiddeld DC met 5.000 m2 vloeroppervlak en 30 tot 80 armaturen bedraagt jaarlijks onderhoud 800 tot 2.500 euro inclusief alle keurings-momenten. Een complete nieuwe installatie kost 15.000 tot 40.000 euro afhankelijk van complexiteit en hoogte van de stellingen.

OnderdeelKostenFrequentie
Maandelijkse functietest (intern)15 tot 30 minuten arbeidsloonMaandelijks
Jaarlijkse 1-uurs duurtest door extern bedrijf800 tot 2.500 euroJaarlijks
Vervanging defecte armatuur80 tot 250 euro per stuk3 tot 8 procent per jaar
Vervanging batterij30 tot 90 euro per stuk5 tot 7 jaar per armatuur
Inbedrijfstelling-test bij herinrichting1.500 tot 3.500 euroBij elke grote stelling-herinrichting
Complete nieuwe installatie 5.000 m215.000 tot 40.000 euroEenmalig per installatie

Voor de complete keurings-eisen en de jaarlijkse onderhouds-cyclus zie ons artikel Noodverlichting keuring. Voor de bredere noodvoorzieningen-context zie AED, noodverlichting en EHBO voor je magazijn.

Drie veelgemaakte fouten

Bij audits van DC's komen drie fouten herhaaldelijk voor.

Fout 1: armaturen niet aangepast na stelling-herinrichting

Wanneer gangpaden worden verlegd, stelling-hoogtes wijzigen of nieuwe stellingen worden toegevoegd, blijft de noodverlichting vaak op de oude positie hangen. Bij audit wordt dan gemeten dat lux-eisen niet meer worden gehaald op de nieuwe vluchtweg-route. Praktische oplossing: bij elke grote stelling-herinrichting een lichtberekening en lux-meting laten uitvoeren door een gecertificeerd keuringsbedrijf voordat de nieuwe stellingen in gebruik worden genomen.

Fout 2: hoog-risico werkplekken behandeld als open ruimtes

Laadstations 380V, machinegangen en chemische opslag-zones worden in oudere installaties vaak behandeld als gewone open ruimtes (0,5 lux), terwijl NEN-EN 1838:2024 voor deze zones 15 lux voorschrijft. Bij een audit met lux-meter wordt 0,5 lux gemeten waar 15 lux vereist is; dit geeft direct een formele bevinding. Praktische oplossing: maak een lijst van alle hoog-risico werkplekken bij de jaarlijkse RI&E-evaluatie en valideer noodverlichting separaat voor deze zones.

Fout 3: logboek niet bijgehouden

Maandelijkse functietesten worden wel uitgevoerd door de Technische Dienst maar niet vastgelegd in het logboek. Bij audit ziet de inspecteur een leeg of incompleet logboek en stelt formele bevinding op grond van NEN-EN 50172. Het feit dat de testen technisch wel hebben plaatsgevonden, helpt niet bij audit. Praktische oplossing: koppel het logboek aan een digitaal werkbon-systeem of een wekelijkse routine waarin de Technische Dienst de testresultaten direct invoert.

Stappenplan: noodverlichting voor uw magazijn

Vier stappen brengen uw noodverlichting van ongewis naar volledig compliance-bewijs.

StapActieDoorlooptijd
1. InventarisatieAantal armaturen tellen, plaatsing valideren tegen NEN-EN 1838 plaatsings-eisen.1 dag
2. Lux-metingLux-meting op vloerniveau bij volle stellingen, op alle vluchtwegen en hoog-risico werkplekken.1 dag
3. Compliance-rapportLijst van alle armaturen met test-resultaat, lux-meting en advies (vervangen, verplaatsen, toevoegen).1 week
4. UitvoeringVervangen, verplaatsen of toevoegen van armaturen door gecertificeerd installateur. Inbedrijfstelling-test na uitvoering.4 tot 8 weken

Voor magazijnen met onduidelijke status of bij een aankomende audit van Nederlandse Arbeidsinspectie of verzekeraar is een complete compliance scan de snelste route naar zekerheid. Wij inventariseren noodverlichting samen met AED en EHBO op locatie en leveren binnen 48 uur een onderbouwd compliance-rapport met directe acties per armatuur.

Voor de complete keurings-eisen zie ons artikel Noodverlichting keuring. Voor de bredere noodvoorzieningen-context zie ons pillar-artikel AED, noodverlichting en EHBO voor je magazijn: complete gids. Voor de bredere wettelijke context zie RI&E voor je magazijn.

Veelgestelde vragen

NEN-EN 1838:2024 onderscheidt drie soorten ruimtes met elk een eigen lux-eis op vloerniveau gedurende minimaal 1 uur na uitval netspanning. Een: vluchtwegen minimaal 1 lux op vloerniveau, gemeten over de volledige breedte van de vluchtweg. Twee: open ruimtes (anti-paniek-verlichting) minimaal 0,5 lux op vloerniveau. Drie: hoog-risico werkplekken (laadstations, machinegangen, draaiende apparatuur) minimaal 15 lux of 10 procent van de normale verlichtingssterkte, afhankelijk van welke hoger uitkomt. In een magazijn met hoge stellingen is de praktijk-uitdaging dat lux-eisen ook tussen volle stellingen moeten worden gehaald, waar schaduw-werking de gemeten lux significant verlaagt.

Ja. NEN-EN 1838:2024 stelt dat de minimum-lux op vloerniveau gemeten moet worden over de volledige breedte van de vluchtweg, ook wanneer de stellingen volledig gevuld zijn met goederen. In de praktijk betekent dit dat een lichtberekening bij ontwerp moet uitgaan van het ergst-denkbare scenario: alle stellingen vol, schaduwen op zijn ergst. Veel installaties in oudere DC's voldoen wel aan de norm bij lege stellingen maar niet bij volle stellingen; bij audit met lux-meter komt dit aan het licht en geeft een formele bevinding. Bij herinrichting van stellingen of overgang van smalle naar brede gangpaden moet de noodverlichting opnieuw worden gevalideerd.

NEN-EN 1838:2024 schrijft voor: armatuur op elke kruising van vluchtwegen, bij elke richtingsverandering, bij elke uitgang en bij elke trap, met maximale onderlinge afstand van 15 meter langs de vluchtweg. In een magazijn met lange rechte hoofdgangpaden van 100 meter zijn dat minimaal 7 armaturen per gangpad, vermenigvuldigd met het aantal gangpaden. Voor een gemiddeld DC met 5.000 m2 vloeroppervlak bedraagt dat 30 tot 80 armaturen totaal afhankelijk van indeling. Bij smalle gangpaden tussen hoge stellingen kunnen extra armaturen nodig zijn om schaduw-werking te compenseren.

Twee functioneel verschillende soorten noodverlichting met eigen lux-eisen. Vluchtroute-verlichting markeert de route naar de uitgang en eist minimaal 1 lux op vloerniveau langs het volledige vluchttraject. De armaturen wijzen via vluchtroute-pictogrammen (groen-witte borden volgens NEN 6088) de uitgang aan. Anti-paniek-verlichting is bedoeld voor open ruimtes waar bij stroomuitval grote groepen aanwezig zijn (kantine, vergaderruimte) en eist minimaal 0,5 lux gelijkmatig verdeeld op vloerniveau. Doel van anti-paniek-verlichting is het voorkomen van paniek door duisternis tot de medewerkers de vluchtroute hebben bereikt. In een magazijn zijn de hoofdgangpaden vluchtwegen (1 lux); de centrale ontvangstruimte of stop-area is open ruimte (0,5 lux).

Standaard NEN-EN 1838 vereist 1 uur autonomie na uitval netspanning. Voor specifieke locaties met langer evacuatie-traject geldt typisch een autonomie van 2 of 3 uur. Twee criteria bepalen de noodzaak voor langere autonomie. Een: evacuatie-traject langer dan 30 meter (vanaf het verste werkplek tot een veilige uitgang). Twee: aanwezigheid van trappen of grote hoogteverschillen die evacuatie vertragen. Voor een hoogbouw-magazijn met stellingen tot 15 meter hoog en evacuatie-traject langer dan 30 meter wordt 2 uur autonomie gangbaar voorgeschreven. De RI&E en het Bouwbesluit voor het specifieke gebouw bepalen de exacte autonomie-eis.

Drie fouten komen herhaaldelijk voor bij audits van DC's. Een: armaturen niet aangepast na herinrichting van stellingen. Wanneer gangpaden worden verlegd of stelling-hoogtes wijzigen, blijft noodverlichting vaak op de oude positie en voldoet niet meer aan de plaatsing-eisen. Twee: hoog-risico werkplekken (laadstations, machinegangen) behandeld als open ruimtes. Bij audit blijkt 0,5 lux gemeten waar 15 lux vereist is. Drie: logboek niet bijgehouden. Maandelijkse functietesten worden wel uitgevoerd maar niet vastgelegd; bij audit ziet de inspecteur een leeg logboek en stelt formele bevinding op grond van NEN-EN 50172. De praktische oplossing voor alle drie: jaarlijkse compliance-scan met lux-meting en logboek-controle.

Voor een gemiddeld DC met 5.000 m2 vloeroppervlak en 30 tot 80 armaturen bedraagt jaarlijks onderhoud 800 tot 2.500 euro inclusief de 1-uurs duurtest, het logboek-bijwerken en een keurings-rapport. Aanvullend zijn er incidentele kosten: vervanging defecte armaturen 80 tot 250 euro per stuk (3 tot 8 procent vervangingen per jaar), vervanging batterijen 30 tot 90 euro per stuk (5 tot 7 jaar levensduur). Een complete nieuwe installatie voor een DC van 5.000 m2 kost 15.000 tot 40.000 euro inclusief armaturen, kabels, batterij-units en inbedrijfstelling-test. Een gebundeld onderhoudscontract met AED en EHBO is doorgaans 15 tot 25 procent goedkoper dan losse contracten.

Twee voedings-varianten zijn toegestaan onder NEN-EN 50172. Een: armaturen met eigen interne batterij (decentraal) die bij uitval netspanning vanzelf overgaan op batterij-voeding. Twee: armaturen met centrale voeding via een UPS-systeem of een dedicated noodvoeding (centraal). Bij beide varianten geldt de eis van minimaal 1 uur autonomie zonder netspanning. Voeding via reguliere zonnepaneel-installatie is niet toegestaan als enige voorziening: zonnepanelen leveren bij avond of bewolking onvoldoende stroom en zijn niet ontworpen voor de directe overgang bij stroomuitval die NEN-EN 50172 vereist. Een hybride installatie met zonnepanelen, batterij-buffer en automatische omschakeling bij netuitval is wel toegestaan mits aantoonbaar de 1-uurs autonomie levert tijdens duurtest.

Neem contact op met onze adviseurs

Wilt u weten of Envora past bij uw locaties? Of heeft u een specifieke vraag over slaapruimtemonitoring, het GGD-rapport of de installatie? Wij beantwoorden het binnen één werkdag.

Spaces Vijzelstraat, Amsterdam

Veelgestelde vragen

Envora is een managed service voor luchtkwaliteitmonitoring in de kinderopvang. Wij plaatsen professionele sensoren in elke ruimte, meten continu 6 parameters (CO₂, fijnstof, TVOC, vochtigheid, temperatuur en formaldehyde) en leveren rapportages die voldoen aan de normen van de GGD, het Bouwbesluit en het RIVM. U beheert alles vanuit één centraal platform.

De pilotmeting is een eenmalige meting op 1 locatie. Wij installeren sensoren in de gewenste ruimtes (circa 15 minuten per ruimte, zonder boren), meten de luchtkwaliteit en leveren een rapport met meetresultaten, conclusies en advies. U zit nergens aan vast.

De pilotmeting kost €479 per locatie. Dit is eenmalig en inclusief installatie, meting en rapport met advies. Er is geen abonnement of opzegtermijn aan verbonden.

Ja. Het rapport bevat continue meetdata per ruimte, getoetst aan de normen uit het Bouwbesluit 2012 en de RIVM-richtlijn 2023. GGD-inspecteurs beoordelen op aantoonbare naleving, het Envora-rapport levert exact die onderbouwing, inclusief trendgrafieken en compliance-scores.

Ja. Het Envora-platform is gebouwd voor multi-locatiebeheer. U ziet real-time data van elke ruimte op elke locatie in één dashboard. Bij een normoverschrijding op locatie 4 krijgt u direct een melding, ook als u op locatie 1 zit.

Installatie duurt circa 15 minuten per ruimte. De sensoren worden draadloos gemonteerd zonder boren of kabeltrekken. Een volledige locatie met 5 ruimtes is binnen een ochtend operationeel, zonder hinder voor de dagelijkse opvang.

Met het verzenden van dit bericht gaat u akkoord met onze privacyverklaring.

Contactpersoon Envora