Brandblusser keuring achter? Plan een compliance scan en zet alle 9 verplichtingen op één dossier. Brandblusser-keuring op orde? · NEN 2559, REOB-keuring en logboek in één bundel Hoe het werkt →

Gasflessen opslaan in het magazijn: PGS 15, veilige opslag en het dossier

Geschreven door Envora Laatst bijgewerkt op 7 augustus 2026 · Leestijd 9 minuten
Relevant voor

Gasflessen vallen onder gevaarlijke stoffen van ADR-klasse 2 en staan onder hoge druk, waardoor ze bij brand of beschadiging een groot risico vormen. De opslag valt onder het Arbeidsomstandighedenbesluit en onder PGS 15, de richtlijn voor de opslag van verpakte gevaarlijke stoffen. Bewaar flessen rechtop en vastgezet in een geventileerde, afgeschermde ruimte of kast, gescheiden naar gasklasse, uit de zon en weg van brandbare stoffen. Wat uw magazijn precies nodig heeft, volgt uit de risico-inventarisatie.

Envora — magazijn-compliance in beeld

In het kort

Een volle fles is een projectiel bij brand

Een gasfles ziet er onschuldig uit, maar bevat een grote hoeveelheid gas onder hoge druk. Raakt de afsluiter beschadigd of wordt de fles in een brand verhit, dan kan de inhoud met enorme kracht vrijkomen. Een omvallende of bezwijkende fles is dan geen opslagobject meer, maar een projectiel.

Precies daarom is de manier waarop u gasflessen opslaat geen detail. De wetgever stelt eisen aan de plaats, de ventilatie, de scheiding en de bescherming van flessen, juist omdat de gevolgen van een fout groot zijn. In een magazijn met heftrucks, stellingen en mensen is die zorgvuldigheid extra van belang.

In dit artikel leest u wat gasflessen zo risicovol maakt, welk wettelijk kader geldt, en hoe u de opslag praktisch inricht. De rode draad is dat veilige gasflessenopslag draait om druk beheersen, gassen scheiden en flessen vastzetten.

Afgeschermde buitenopslag met vastgezette gasflessen naast een magazijn

Wat gasflessen zo risicovol maakt

Gasflessen bevatten samengeperst, vloeibaar gemaakt of opgelost gas en vallen onder ADR-klasse 2, de klasse voor gassen. De druk in een fles met samengeperst gas loopt in de praktijk op tot 200 tot 300 bar. Die druk is de reden dat een beschadigde afsluiter of een falende fles zoveel energie kan ontladen.

Het gedrag bij brand verschilt per gas. Een brandbaar gas zoals propaan of acetyleen voedt de brand en kan een explosief mengsel vormen, terwijl een oxiderend gas zoals zuurstof een brand juist heftiger maakt. Een verhitte fles kan bovendien bezwijken, ongeacht de inhoud, doordat de druk oploopt met de temperatuur.

Daarnaast speelt verdringing en vergiftiging. Vrijkomend gas kan in een gesloten ruimte de zuurstof verdringen of, bij giftige gassen, direct schadelijk zijn. Dat verklaart waarom ventilatie en een afgeschermde, liefst buiten gelegen opslag zo centraal staan in de regels.

Het wettelijk kader: Arbobesluit en PGS 15

De basis ligt in het Arbeidsomstandighedenbesluit. Hoofdstuk 4 van dat besluit gaat over gevaarlijke stoffen en verplicht de werkgever om blootstelling en risico's te beoordelen en te beheersen, met de risico-inventarisatie als vertrekpunt.

De praktische invulling van de opslag staat in PGS 15, de richtlijn voor de opslag van verpakte gevaarlijke stoffen, die ook de opslag van gasflessen behandelt. De richtlijn beschrijft onder meer de eisen aan de opslagvoorziening, de ventilatie, de brandwerendheid en de scheiding van niet-verenigbare stoffen. De actuele versie en de exacte drempelwaarden staan op de website van de Publicatiereeks Gevaarlijke Stoffen.

Voor een magazijn betekent dit dat de opslag van gasflessen onderdeel is van uw bredere aanpak van gevaarlijke stoffen. Hoe die aanpak samenhangt met de overige opslageisen leest u in het artikel over PGS 15 in het magazijn en het artikel over de Arbowet en gevaarlijke stoffen.

Vanaf welke hoeveelheid gelden strengere eisen

Niet elke gasfles trekt meteen het volledige regime van PGS 15 aan. De richtlijn kent een vrijgestelde ondergrens: onder een bepaalde hoeveelheid gelden de strenge opslagvoorschriften niet, al blijft de algemene zorgplicht uit het Arbobesluit altijd van kracht. Boven die grens gelden de eisen aan een aparte, brandwerende en geventileerde opslag.

De precieze drempel hangt af van het soort gas en de verpakking en wordt in PGS 15 uitgewerkt. Werk daarom altijd met de actuele versie van de richtlijn en tel de aanwezige flessen en hun inhoud op, in plaats van te vertrouwen op een gevoel dat het wel meevalt. Juist het sluipend groeien van een kleine voorraad tot boven de grens is een veelgemaakte fout.

Houd er rekening mee dat ook lege flessen meetellen, omdat een lege fles vrijwel altijd nog gasrest en druk bevat. De inventarisatie van de aanwezige hoeveelheden hoort thuis in de risico-inventarisatie van uw magazijn, waar u vastlegt wat u opslaat en waarom.

Rechtop geplaatste en vastgezette gasflessen in een geventileerde opslagkast

Waar en hoe bergt u gasflessen op

De voorkeur gaat uit naar opslag in de buitenlucht, in een afgeschermde opslagkooi met een dak tegen zon en neerslag. In de open lucht kan vrijkomend gas wegwaaien in plaats van zich op te hopen, wat het risico van een gevaarlijk mengsel of van zuurstofverdringing sterk verlaagt.

Is binnenopslag onvermijdelijk, dan hoort dat in een aparte, brandwerend afgescheiden ruimte of in een gasflessenkast met voldoende ventilatie, laag en hoog, zodat zowel lichtere als zwaardere gassen kunnen afvoeren. De opslag blijft uit direct zonlicht en op afstand van warmtebronnen, en de temperatuur blijft onder de door de leverancier aangegeven grens, voor veel gassen rond 50 graden Celsius.

Rond de opslag geldt een rook- en vuurverbod en worden ontstekingsbronnen geweerd. De ruimte is duidelijk gemarkeerd met de juiste waarschuwings- en verbodsborden, zodat iedereen op de werkvloer ziet wat er is opgeslagen en welke regels gelden. Die signalering sluit aan op de bredere veiligheidssignalering in het magazijn.

Scheiding naar gasklasse: brandbaar, oxiderend en giftig apart

Verschillende gassen mogen niet zomaar naast elkaar staan. Brandbare gassen, oxiderende gassen en giftige gassen worden van elkaar gescheiden opgeslagen, omdat juist de combinatie het risico vergroot. Een brandbaar gas naast een oxidator zoals zuurstof is een klassiek voorbeeld van een gevaarlijke opstelling.

De scheiding gebeurt met voldoende afstand of met een brandwerende wand, afhankelijk van de hoeveelheden en de uitvoering van de opslag. PGS 15 werkt dit uit voor de verschillende situaties. In de praktijk betekent het dat u een opslag niet alleen op omvang inricht, maar ook op de vraag welke gasklassen aanwezig zijn.

Waar brandbaar gas kan vrijkomen, bijvoorbeeld bij een aftappunt of een aansluiting, kan een zone met explosiegevaar ontstaan. Het beoordelen en indelen van die zones gebeurt via de ATEX-zonering, die bepaalt welke apparatuur en werkwijzen in de omgeving zijn toegestaan.

Vastzetten, beschermdop en etikettering

Gasflessen worden altijd rechtop bewaard en vastgezet tegen omvallen, met een ketting, beugel of een daarvoor bestemd rek. Een omvallende fles kan de afsluiter beschadigen, en dat is precies het scenario waarin een fles onder druk gevaarlijk wordt. Vastzetten is daarmee geen ordekwestie maar een veiligheidsmaatregel.

Op flessen die niet zijn aangesloten hoort de beschermdop op de afsluiter, zodat die bij een val of stoot beschermd blijft. Volle en lege flessen worden gescheiden opgesteld en gemarkeerd, zodat bij gebruik en bij een calamiteit meteen duidelijk is wat waar staat. Zo voorkomt u dat iemand grijpt naar een lege fles of, erger, een volle fles verwart met een lege.

Elke fles is voorzien van de wettelijke etikettering met de gevaarsaanduiding en de gegevens van de inhoud. Houd de bijbehorende veiligheidsinformatiebladen beschikbaar, want die vormen samen met de etikettering de basis van het dossier waarmee u aantoont dat u weet wat u in huis heeft.

Digitaal overzicht van gevaarlijke stoffen en keuringen per locatie in een magazijn

Brandveiligheid en de omgeving

De omgeving van de opslag telt net zo zwaar als de opslag zelf. Rond gasflessen worden brandbare stoffen, afval en pallets weggehouden, zodat een beginnende brand niet meteen bij de flessen komt. Een vrije, opgeruimde zone rond de opslag is een van de eenvoudigste en effectiefste maatregelen.

Geschikte en gekeurde blusmiddelen staan op korte afstand, met een blusstof die past bij de aanwezige gassen. Bij een brand in de buurt van gasflessen is het koelen van de omringende flessen en het tijdig waarschuwen van de brandweer vaak belangrijker dan zelf blussen, omdat een verhitte fles kan bezwijken. Welke blusstof waar past, leest u in het artikel over de soorten brandblussers.

Let ook op de opslag van andere energiedragers in de buurt. De opkomst van accu's stelt vergelijkbare eisen aan afstand en brandscheiding; de opslag van lithium-ion-accu's leest u in het artikel over lithium-ion-accu-opslag.

Denk bij de omgeving ook aan het interne transport. Een gasfles wordt rechtop en vastgezet vervoerd op een daarvoor bestemde flessenwagen, en niet los op de vorken van een heftruck of rollend over de vloer. Beschadiging tijdens intern transport is een onderschatte oorzaak van lekkage en van een falende afsluiter, en verdient in de werkinstructie evenveel aandacht als de opslag zelf.

Dossier, RI&E en controle

Veilige gasflessenopslag is niet alleen een kwestie van de juiste kast, maar ook van aantoonbaarheid. In de risico-inventarisatie legt u vast welke gassen u opslaat, in welke hoeveelheden, welke risico's daaraan verbonden zijn en welke maatregelen u heeft getroffen. Dat is het fundament onder alle overige documentatie.

Bij dat dossier horen de veiligheidsinformatiebladen van de aanwezige gassen, een overzicht van de opgeslagen hoeveelheden, en de afspraken over onderhoud, keuring van blusmiddelen en periodieke controle van de opslag. Zo is in een oogopslag duidelijk dat de opslag beheerst is en niet op toeval berust.

De Nederlandse Arbeidsinspectie kan bij een bezoek beoordelen of de opslag aan het Arbobesluit en aan PGS 15 voldoet en of het risico in de RI&E is meegenomen. Gasflessenopslag is daarmee een van de onderdelen van de bredere wettelijke verplichtingen voor uw magazijn.

Zo helpt Envora hierbij

Gasflessen veilig opslaan vraagt om weten wat u in huis heeft, de juiste voorziening inrichten en aantoonbaar bijhouden dat de opslag en de bijbehorende blusmiddelen op orde zijn. Envora brengt die compliance samen op één platform, zodat de risico-inventarisatie, de opslageisen en de keuringen niet los van elkaar staan.

In het portaal ziet u welke verplichtingen rond gevaarlijke stoffen en keuringen voor uw magazijn gelden, wat u al heeft geregeld en waar nog een actie openstaat. Zo blijven ook de gasflessenopslag en de bijbehorende documentatie in beeld, naast de keuringen die vaker de aandacht trekken.

Daarmee staat uw dossier inspectie-proof klaar, naast de overige verplichtingen in het magazijn, van brandblussers en stellingen tot heftrucks en elektrakeuring. Bij een controle laat u zien dat u de opslag van gasflessen kent en aantoonbaar hebt geregeld.

Veelgestelde vragen

Ja. PGS 15 is de richtlijn voor de opslag van verpakte gevaarlijke stoffen en behandelt ook de opslag van gasflessen. Gasflessen zijn gevaarlijke stoffen van ADR-klasse 2. Boven een vrijgestelde ondergrens gelden de eisen van PGS 15 aan de opslagvoorziening, de ventilatie, de brandwerendheid en de scheiding van niet-verenigbare stoffen. Onder die ondergrens gelden nog steeds de algemene zorgplicht uit het Arbobesluit en de eisen uit de risico-inventarisatie. De exacte drempelwaarden en de actuele versie van de richtlijn staan op de website van de Publicatiereeks Gevaarlijke Stoffen.

Bij voorkeur niet. Opslag in de buitenlucht in een afgeschermde, geventileerde opslagkooi heeft de voorkeur, omdat vrijkomend gas dan niet in een gesloten ruimte kan blijven hangen. Is binnenopslag onvermijdelijk, dan hoort dat in een aparte, brandwerend afgescheiden en goed geventileerde ruimte of gasflessenkast, gescheiden van de reguliere werkvloer en van brandbare stoffen. De hoeveelheid en de precieze uitvoering volgen uit PGS 15 en uit de risico-inventarisatie van uw magazijn.

Gasflessen worden altijd rechtop bewaard en vastgezet tegen omvallen, meestal met een ketting, beugel of een daarvoor bestemd rek. Een omvallende fles kan de afsluiter beschadigen, en een afbrekende afsluiter maakt van een volle fles onder druk een projectiel. Op flessen die niet zijn aangesloten hoort de beschermdop op de afsluiter. Lege en volle flessen worden gescheiden en als zodanig gemarkeerd, zodat bij gebruik en bij een calamiteit direct duidelijk is wat waar staat.

Brandbare gassen zoals propaan, butaan of acetyleen, oxiderende gassen zoals zuurstof, en giftige gassen worden fysiek van elkaar gescheiden opgeslagen. De combinatie van een brandbaar gas en een oxidator verhoogt het brand- en explosierisico sterk. De scheiding gebeurt met afstand of met een brandwerende wand, afhankelijk van de hoeveelheden. Voor de zonering rond installaties waar brandbaar gas kan vrijkomen is de beoordeling van explosiegevaar relevant; dat wordt uitgewerkt in de ATEX-zonering.

Ja. Directe zoninstraling en warmtebronnen verhogen de druk in de fles en daarmee het risico. De opslag hoort daarom uit direct zonlicht en op afstand van verwarmingsbronnen, uitlaten of andere warmte. Een buitenopslag krijgt een dak of afscherming tegen zon en neerslag. De opslagtemperatuur blijft bij voorkeur onder de door de leverancier aangegeven grens, die voor veel gassen rond 50 graden Celsius ligt.

Bij een opslag van gasflessen horen geschikte, gekeurde blusmiddelen op korte afstand, met een keuze die past bij de aanwezige gassen en de omgeving. De juiste soort en het juiste aantal volgen uit de risico-inventarisatie en de eisen aan uw pand. Belangrijker dan blussen is vaak het koelen van omringende flessen en het waarschuwen van de brandweer, omdat een fles onder druk in een brand kan bezwijken. In het artikel over de soorten brandblussers leest u welke blusstof waar past.

De Nederlandse Arbeidsinspectie kan beoordelen of de opslag voldoet aan het Arbobesluit en aan PGS 15: is er een aparte, geventileerde en afgeschermde opslag, staan de flessen rechtop en vastgezet, zijn de gasklassen gescheiden, en is de omgeving vrij van brandbare stoffen en ontstekingsbronnen. Daarnaast wordt gekeken of het risico van gevaarlijke stoffen in de RI&E is beoordeeld en of de aanwezige hoeveelheden en veiligheidsinformatiebladen zijn gedocumenteerd. Een sluitend dossier onderbouwt dat u de opslag beheerst.

Neem contact op met onze adviseurs

Wilt u weten of Envora past bij uw locaties? Of heeft u een specifieke vraag over slaapruimtemonitoring, het GGD-rapport of de installatie? Wij beantwoorden het binnen één werkdag.

Spaces Vijzelstraat, Amsterdam

Veelgestelde vragen

Envora is een managed service voor luchtkwaliteitmonitoring in de kinderopvang. Wij plaatsen professionele sensoren in elke ruimte, meten continu 6 parameters (CO₂, fijnstof, TVOC, vochtigheid, temperatuur en formaldehyde) en leveren rapportages die voldoen aan de normen van de GGD, het Bouwbesluit en het RIVM. U beheert alles vanuit één centraal platform.

De pilotmeting is een eenmalige meting op 1 locatie. Wij installeren sensoren in de gewenste ruimtes (circa 15 minuten per ruimte, zonder boren), meten de luchtkwaliteit en leveren een rapport met meetresultaten, conclusies en advies. U zit nergens aan vast.

De pilotmeting kost €479 per locatie. Dit is eenmalig en inclusief installatie, meting en rapport met advies. Er is geen abonnement of opzegtermijn aan verbonden.

Ja. Het rapport bevat continue meetdata per ruimte, getoetst aan de normen uit het Bouwbesluit 2012 en de RIVM-richtlijn 2023. GGD-inspecteurs beoordelen op aantoonbare naleving, het Envora-rapport levert exact die onderbouwing, inclusief trendgrafieken en compliance-scores.

Ja. Het Envora-platform is gebouwd voor multi-locatiebeheer. U ziet real-time data van elke ruimte op elke locatie in één dashboard. Bij een normoverschrijding op locatie 4 krijgt u direct een melding, ook als u op locatie 1 zit.

Installatie duurt circa 15 minuten per ruimte. De sensoren worden draadloos gemonteerd zonder boren of kabeltrekken. Een volledige locatie met 5 ruimtes is binnen een ochtend operationeel, zonder hinder voor de dagelijkse opvang.

Met het verzenden van dit bericht gaat u akkoord met onze privacyverklaring.

Contactpersoon Envora