Waarom legionella een magazijnthema is
Legionella wordt geassocieerd met hotels, zwembaden en zorginstellingen. Een distributiecentrum staat zelden op dat lijstje, en dat klopt ook: het risicoprofiel is anders en lager.
Toch heeft vrijwel elk magazijn precies de installatiekenmerken waar legionella van houdt. Lange leidingtrajecten door een groot pand, doucheruimtes die maanden ongebruikt blijven, nooddouches die alleen bij een calamiteit stromen en warmwatertoestellen die op een zuinige temperatuur staan afgesteld.
Het gevolg is een risico dat klein is in kans maar groot in effect. De uitbraak in Bovenkarspel in 1999 maakte ruim tweehonderd mensen ziek en kostte tweeendertig mensen het leven. Dat is de reden dat de huidige regelgeving bestaat.
Bent u een prioritaire instelling
De zwaarste verplichtingen gelden voor prioritaire instellingen. Welke dat zijn, staat in artikel 35 van het Drinkwaterbesluit. De Inspectie Leefomgeving en Transport vat de categorieen samen.
| Categorie | Voorbeelden | Magazijn |
|---|---|---|
| Zorg | Ziekenhuizen, zorginstellingen | Nee |
| Logies | Hotels, campings, bungalowparken, jachthavens | Nee |
| Baden | Zwembaden, sauna's, wellness | Nee |
| Verblijf onder gezag | Celinrichtingen, asielzoekerscentra | Nee |
| Wegvoorzieningen | Truckstops, benzinestations, wegrestaurants met douches | Soms wel |
Die laatste rij verdient aandacht. Een distributiecentrum dat chauffeursdouches aanbiedt aan externe rijders zit dichter bij de truckstop-categorie dan bij een gewoon bedrijfspand. Ga daar niet zelf van uit, maar leg de situatie voor aan uw drinkwaterbedrijf.
Bent u prioritair, dan geldt het volledige pakket: een risicoanalyse en beheersplan van een BRL 6010-gecertificeerd bureau, een logboek, en elk half jaar het wettelijk voorgeschreven aantal watermonsters door een geaccrediteerde partij.
Wat de zorgplicht wel van u vraagt
Bent u niet prioritair, dan vervallen de monsterfrequentie en het verplichte beheersplan. De zorgplicht uit de Drinkwaterwet vervalt niet. Elke eigenaar van een collectieve drinkwaterinstallatie moet ervoor zorgen dat het geleverde water deugdelijk is.
Een collectieve installatie is alles achter de watermeter: het leidingwerk, de warmwaterbereiding en de tappunten. In een magazijn is dat vrijwel altijd het geval, omdat het water niet alleen door de eigenaar zelf wordt gebruikt maar door werknemers en bezoekers.
De zorgplicht is een open norm. Dat maakt hem niet vrijblijvend: bij een besmetting wordt achteraf beoordeeld of u redelijkerwijs had kunnen weten waar het risico zat en of u er iets aan gedaan hebt.
De arbokant: biologische agentia
Naast het drinkwaterspoor loopt een tweede verplichting die vaak wordt vergeten. Legionella is een biologisch agens, en hoofdstuk 4 van het Arbobesluit bevat de voorschriften over blootstelling daaraan.
Als werkgever moet u beoordelen of werknemers kunnen worden blootgesteld en welke maatregelen dat voorkomen. Dat is geen aparte procedure maar een onderdeel van uw risico-inventarisatie en -evaluatie, en waar de blootstelling relevant is van de nadere inventarisatie.
Praktisch betekent dit dat de Nederlandse Arbeidsinspectie u kan aanspreken op legionellabeheer, ook als de ILT dat niet doet omdat u niet prioritair bent. Twee toezichthouders, twee invalshoeken, een installatie.
Wanneer legionella daadwerkelijk groeit
De bacterie komt van nature in kleine aantallen voor in water. Een probleem ontstaat pas als die aantallen kunnen uitgroeien, en daar zijn drie condities voor nodig.
| Conditie | Waarde | Waar dat voorkomt |
|---|---|---|
| Temperatuur | Tussen 20 en 50 graden | Koud water dat opwarmt, lauw warmwater |
| Stilstand | Leidingen die niet wekelijks verversen | Nooddouches, ongebruikte kleedruimtes |
| Voeding | Biofilm, ijzer, sediment | Oude leidingen, dode einden |
Besmetting gebeurt door het inademen van aerosolen, dus door verneveling. Water drinken uit een besmette kraan maakt u niet ziek. Onder een besmette douche staan wel.
Dat verklaart waarom de aandacht uitgaat naar douches, nooddouches en hogedrukreinigers, en niet naar de koffieautomaat.
Waar het risico in een magazijn zit
Vertaald naar een distributiecentrum levert dat een korte, herkenbare lijst op. Vrijwel elke vondst valt in een van deze categorieen.
| Punt | Waarom risicovol | Beheersmaatregel |
|---|---|---|
| Nooddouche en oogspoeler | Staat vrijwel altijd stil, wel aerosolvorming | Wekelijks doorspoelen en registreren |
| Kleed- en doucheruimte | Seizoensgebonden of nauwelijks gebruikt | Spoelschema of tappunt verwijderen |
| Brandslanghaspel op drinkwater | Permanent stilstaand water in de leiding | Keerklep en beoordeling in risicoanalyse |
| Koud water langs warme leidingen | Opwarming boven 25 graden | Isoleren of tracé aanpassen |
| Boiler op zuinige stand | Warm water onder 60 graden | Instelling corrigeren |
| Dode leidingdelen | Water dat nooit ververst | Fysiek afdoppen bij de hoofdleiding |
De rode draad is bekend bij iedereen die weleens verbouwd heeft. Elke keer dat een ruimte van functie verandert, blijft er leidingwerk achter dat niemand meer gebruikt en niemand meer beheert.
Nooddouches en oogspoelers
De nooddouche is het duidelijkste voorbeeld van een maatregel die een nieuw risico introduceert. U plaatst hem omdat de RI&E dat vraagt bij werken met bijtende stoffen, en vervolgens staat hij jaren ongebruikt aan een leiding vol lauw water.
Gaat die douche dan een keer aan, dan gebeurt dat bij een incident, over iemand heen, met volle verneveling. Precies de blootstellingsroute die u wilde vermijden.
De oplossing is niet ingewikkeld maar wel discipline. Spoel wekelijks lang genoeg door om de volledige leidinginhoud te verversen, registreer dat in een logboek en neem het op in dezelfde routine als uw andere periodieke controles. Meer over de eisen aan deze voorziening leest u bij nooddouche en oogspoeler in het magazijn.
Brandslanghaspels en dode leidingen
Brandslanghaspels die op de drinkwaterinstallatie zijn aangesloten, staan expliciet in de eisen aan de risicoanalyse genoemd als beveiligd leidingdeel. De reden is simpel: het water in die leiding staat permanent stil.
Bij een correcte aansluiting zit er een keerklep die terugstroming naar het drinkwaternet voorkomt. Wat die klep niet oplost, is dat het water erachter een kweekbodem kan vormen die bij gebruik of bij de jaarlijkse controle vernevelt.
Neem de haspels daarom mee in uw legionellabeoordeling, niet alleen in uw jaarlijkse keuring van brandslanghaspels. Het zijn twee verschillende beoordelingen van hetzelfde object.
Thermisch beheer in de praktijk
De standaardaanpak heet thermisch beheer en bestaat uit drie regels die elkaar aanvullen. Koud water blijft onder de 25 graden, warm tapwater komt boven de 60 graden en er is voldoende doorstroming.
In een groot pand is vooral de eerste regel lastig. Koudwaterleidingen die door een technische ruimte of langs een verwarmingsleiding lopen, warmen op tot ver boven de 25 graden zonder dat iemand dat merkt. Meten is hier de enige manier om het te weten.
Er bestaan alternatieven voor thermisch beheer, zoals filtratie, UV-behandeling en chemische systemen. Die zijn gebonden aan certificering en aan een bijbehorend meetprogramma, en ze zijn bedoeld voor situaties waarin thermisch beheer aantoonbaar niet toereikend is. Begin er niet mee als de boiler simpelweg te laag staat afgesteld.
Risicoanalyse en beheersplan
De systematiek achter legionellabeheer is dezelfde als bij uw andere compliance-dossiers: eerst in kaart brengen, dan maatregelen vastleggen, dan uitvoeren en registreren.
Een bruikbare risicoanalyse bevat ten minste een overzicht van alle tappunten, actuele installatietekeningen, de leidingdelen die niet wekelijks verversen, de delen die onbedoeld boven 25 graden opwarmen, de mengwaterleidingen langer dan vijf meter en de warmwatertappunten die de 60 graden niet halen.
Het beheersplan vertaalt dat naar eenmalige technische ingrepen en periodieke handelingen, met per maatregel een instructie en een logblad. Hang die periodieke handelingen aan uw bestaande keuringskalender, anders verdwijnen ze binnen een kwartaal uit beeld.
Meten, normen en melden
De wettelijke norm is 100 kolonievormende eenheden per liter. Prioritaire instellingen laten elk half jaar monsters nemen op een aantal meetpunten dat afhangt van het totale aantal tappunten, en moeten een overschrijding boven 1.000 kve per liter direct melden bij de ILT.
Bent u niet prioritair, dan hebt u geen verplichte frequentie en geen meldplicht. Meten blijft dan een eigen keuze, maar het is wel de enige manier om te weten of uw spoelschema werkt.
Kiest u ervoor, laat de monstername dan doen door een geaccrediteerde partij en de analyse door een geaccrediteerd laboratorium. Een zelf genomen monster in een schone fles is geen bewijsmateriaal.
Checklist legionellabeheer
Loop deze punten langs voordat u concludeert dat het geregeld is.
| Punt | Aanwezig |
|---|---|
| Vastgesteld of uw locatie prioritair is of niet | ja / nee |
| Actuele tekening van de drinkwaterinstallatie | ja / nee |
| Overzicht van alle tappunten met gebruiksfrequentie | ja / nee |
| Nooddouches en oogspoelers in een wekelijks spoelschema | ja / nee |
| Dode leidingdelen opgespoord en afgedopt | ja / nee |
| Temperatuur koud water gemeten, onder 25 graden | ja / nee |
| Warmwaterbereiding boven 60 graden ingesteld | ja / nee |
| Brandslanghaspels beoordeeld op stilstand en keerklep | ja / nee |
| Logboek met uitgevoerde beheersmaatregelen | ja / nee |
| Legionella opgenomen in de RI&E als biologisch agens | ja / nee |
Voor een niet-prioritaire locatie is dit geen zwaar dossier. Het kost een middag inventariseren en daarna een kwartier per week. Het alternatief is dat u bij een besmetting moet uitleggen waarom een nooddouche jarenlang niet is doorgespoeld. Zie voor het bredere kader ook ons overzicht van wet- en regelgeving voor het magazijn en wat u kunt verwachten bij een controle van de Arbeidsinspectie.
Veelgestelde vragen
In de regel niet. Artikel 35 van het Drinkwaterbesluit noemt ziekenhuizen, zorginstellingen, logiesfuncties zoals hotels en campings, zwembaden en sauna's, celinrichtingen en asielzoekerscentra, en truckstops, benzinestations en wegrestaurants met douchefaciliteiten. Een distributiecentrum of opslaghal valt daar niet onder. Let wel op de laatste categorie: heeft uw locatie douches die door externe chauffeurs worden gebruikt, dan kan de situatie dichter tegen een truckstop aan liggen dan u denkt. Twijfelt u, leg de feitelijke situatie dan voor aan uw drinkwaterbedrijf of aan de ILT voordat u ervan uitgaat dat u buiten het regime valt.
Er is geen wettelijk voorgeschreven monsterfrequentie voor niet-prioritaire instellingen. De verplichting om elk half jaar monsters te laten nemen door een geaccrediteerde partij geldt voor prioritaire instellingen. Dat betekent niet dat meten zinloos is. Als u nooddouches of weinig gebruikte doucheruimtes hebt, is periodiek bemonsteren de enige manier om te weten of uw beheersmaatregelen werken. Veel bedrijven kiezen voor een jaarlijkse steekproef op de risicovolste tappunten. Dat is een eigen keuze, geen verplichting, maar het is wel het bewijsmateriaal waar u op terugvalt als er ooit iets gebeurt.
De richtlijn die in vrijwel alle beheersplannen terugkomt is wekelijks. De achtergrond daarvan staat in de eisen aan de risicoanalyse: leidingdelen die niet minimaal wekelijks worden ververst, moeten in kaart worden gebracht als risicopunt. Spoel daarbij lang genoeg door om de volledige leidinginhoud te verversen, niet een paar seconden. Bij een nooddouche betekent dat in de praktijk enkele minuten laten lopen. Leg de spoelbeurten vast in een logboek, want een maatregel die u niet kunt aantonen telt bij een controle niet mee.
Nee, natte koeltorens hebben een eigen regime. Zij vallen niet onder het drinkwaterspoor maar onder de milieuregels, tegenwoordig het Besluit activiteiten leefomgeving, met de omgevingsdienst als bevoegd gezag. Voor koeltorens gelden aparte eisen aan risicoanalyse, beheer en registratie, en er bestaat een meldplicht voor de installatie. Heeft uw distributiecentrum een natte koeltoren voor procesof gebouwkoeling, behandel dat dan als een apart dossier naast uw drinkwaterinstallatie. Droge koelers en gesloten systemen vormen dit risico niet, omdat er geen aerosolvorming met opgewarmd water plaatsvindt.
Voor prioritaire instellingen schrijft het Drinkwaterbesluit voor dat de risicoanalyse en het beheersplan worden opgesteld door een adviesbureau met BRL 6010-certificering. Bent u niet-prioritair, dan bent u formeel vrij in de keuze. Toch is BRL 6010 ook dan het verstandige uitgangspunt, om twee redenen. Zo'n bureau kent de systematiek waarop later getoetst wordt, en u hebt een onafhankelijk oordeel dat standhoudt richting verzekeraar en inspectie. Certificaathouders zijn te vinden via het Centraal Register Techniek.
De wettelijke norm is 100 kolonievormende eenheden per liter, afgekort 100 kve per liter. Voor prioritaire instellingen geldt dat overschrijdingen maatregelen vragen en dat een uitslag boven 1.000 kve per liter direct bij de ILT gemeld moet worden. Bent u niet-prioritair en meet u zelf een overschrijding, dan is er geen wettelijke meldplicht, maar de uitslag is wel een signaal dat uw beheer niet werkt. Neem dan dezelfde stappen: tappunt buiten gebruik stellen, oorzaak zoeken, thermisch of chemisch desinfecteren en hermeten voordat u het weer vrijgeeft.
Voor het legionellalogboek van prioritaire instellingen geldt een bewaartermijn van drie jaar. Die termijn is een goed uitgangspunt voor iedereen die een beheersplan uitvoert. Bewaar in dat logboek per beheersmaatregel wanneer die is uitgevoerd en door wie, plus de analyserapporten van eventuele watermonsters. Het logboek is het enige onderdeel van legionellabeheer dat u bij een controle direct moet kunnen laten zien, en het is ook het onderdeel dat in de praktijk het vaakst incompleet is.