Brandblusser keuring achter? Plan een compliance scan en zet alle 9 verplichtingen op één dossier. Brandblusser-keuring op orde? · NEN 2559, REOB-keuring en logboek in één bundel Hoe het werkt →

In-rack sprinklers in het magazijn: wanneer heeft u ze nodig

Geschreven door Envora Laatst bijgewerkt op 22 september 2026 · Leestijd 10 minuten
Relevant voor

In-rack sprinklers zijn sprinklerkoppen in de stelling zelf, die een brand bestrijden op de hoogte waar hij ontstaat. Ze zijn nodig zodra een plafondinstallatie de brandhaard niet meer op tijd bereikt: bij hoge stellingen, compacte opslag of brandgevaarlijke producten. De keuze volgt uit het ontwerp volgens NEN-EN 12845 en uit uw opslagklasse, niet uit een standaardvuistregel.

Envora — magazijn-compliance in beeld

In het kort

Waarom deze vraag terugkomt

In vrijwel elk magazijn dat hoger gaat stapelen of van productmix verandert, komt dezelfde vraag boven: kan het plafondnet dit nog aan, of moeten er sprinklers de stelling in?

Het is een dure vraag, want het antwoord raakt niet alleen de koppen maar ook de pompcapaciteit, de watervoorraad en de manier waarop er wordt opgeslagen.

Het is ook een vraag die zelden met een vuistregel te beantwoorden is. Wat telt is het uitgangspuntendocument van uw installatie en de opslag die er feitelijk staat, niet wat er bij oplevering stond.

Hoge palletstellingen in een magazijn met sprinklerbeveiliging boven de opslagzone

Wat in-rack sprinklers doen

In-rack sprinklers, in Nederlandse stukken ook tussensprinklers genoemd, zijn sprinklerkoppen die in de stelling zelf zijn gemonteerd, meestal op een of meer tussenniveaus tussen de liggers.

Ze grijpen in op de hoogte waar een brand ontstaat. Bij een brand halverwege een stelling van elf meter hoog moet warmte eerst omhoog, langs de opgeslagen goederen, voordat een plafondkop reageert. Tussensprinklers hoeven daar niet op te wachten.

Ze vervangen het plafondnet niet. Een installatie met tussensprinklers is altijd een combinatie: plafondsprinklers voor de ruimte, tussensprinklers voor de opslag daarbinnen.

Het tweede effect is minder bekend maar even belangrijk: tussensprinklers beperken de kans dat de brand zich horizontaal door de stellingrij verplaatst, omdat ze het vuur insluiten voordat het de volgende vakken bereikt.

Wanneer plafondsprinklers tekortschieten

Er zijn drie situaties waarin een plafondinstallatie alleen niet langer volstaat.

De eerste is hoogte. Naarmate de stelling hoger wordt, duurt het langer voordat de warmte het plafond bereikt, en tegelijk is de brandhaard verder weg van het water dat vervolgens naar beneden komt.

De tweede is compactheid. Bij smalle gangen, doorrijstellingen, inrijstellingen en verrijdbare stellingen is er nauwelijks ruimte waarlangs water de stelling in kan komen. De goederen schermen zichzelf af.

De derde is het product. Kunststof, aerosolen, verpakkingsmateriaal en producten in folie leveren een veel snellere brandontwikkeling op dan karton op een houten pallet. Dat verkort de tijd die een installatie heeft om effectief te zijn.

In de praktijk zijn tussensprinklers vooral aan de orde bij stellingen vanaf ongeveer twaalf meter, bij compacte opslagsystemen en bij brandgevaarlijke productgroepen. Die grenzen zijn indicatief: het ontwerp bepaalt.

ESFR als alternatief

Sinds de jaren negentig bestaat er een alternatief waarmee tussensprinklers in veel gevallen vermeden kunnen worden: ESFR, voluit Early Suppression Fast Response.

Dat zijn snel reagerende plafondsprinklers met een hoog debiet en een specifiek spuitbeeld, bedoeld om een brand in de stelling van bovenaf te onderdrukken in plaats van alleen te beheersen. De Europese norm die ESFR en CMSA behandelt is NEN-EN 12845-2:2025.

Het voordeel is duidelijk: geen kwetsbare koppen in de stelling, geen leidingwerk dat bij elke herindeling in de weg zit, en een eenvoudiger onderhoudsregime.

Daar staan strengere randvoorwaarden tegenover. ESFR stelt eisen aan de vrije ruimte tussen de bovenkant van de opslag en de sprinklers, aan de dakconstructie, aan obstakels onder het dak en aan de manier van opslaan. Wie onder ESFR een extra ligger bijplaatst, kan het uitgangspunt ongemerkt ongeldig maken.

De normen achter het ontwerp

De Nederlandse ontwerpgrondslag voor sprinklerinstallaties is NEN-EN 12845 in combinatie met de nationale aanvulling NEN 1073. Daarin staan de opslagklassen, de ontwerpdichtheden en de regels voor de hydraulische berekening.

Voor de hydraulische berekening geldt dat het ontwerp uitgaat van alle sprinklers binnen het maatgevende werkingsgebied, aangevuld met de tussensprinklers en eventuele extra sprinklers. Dat is precies waarom tussensprinklers bijplaatsen niet zonder doorrekening kan.

Daarnaast hanteren veel verzekeraars in Nederland de VAS, de Voorschriften Automatische Sprinklerinstallaties. Interpretatievragen over de normteksten worden gepubliceerd door het Centrum voor Criminaliteitspreventie en Veiligheid.

Welke set voor u geldt, staat in het uitgangspuntendocument bij uw installatie. Dat document is het belangrijkste stuk papier in dit hele dossier en hoort in uw brandveiligheidsdossier te zitten.

De publiekrechtelijke kant loopt via het Besluit bouwwerken leefomgeving en via uw omgevingsvergunning of gebruiksmelding.

Uw opslag bepaalt het ontwerp

Een sprinklerontwerp begint niet bij het gebouw maar bij wat erin ligt. Vier variabelen bepalen vrijwel alles.

VariabeleWaarom het het ontwerp raakt
Opslagklasse van het productBepaalt de brandontwikkelingssnelheid en daarmee de benodigde waterdichtheid
StapelhoogteHogere opslag betekent langere reactietijd en meer afscherming
Type stellingDoorrij- en inrijstellingen laten nauwelijks water door
Verpakking en pallettypeKunststof folie en kunststof pallets verhogen de klasse

De praktische valkuil zit in de vierde regel. Een overstap van houten naar kunststof pallets lijkt een logistieke beslissing, maar verandert het brandgedrag van de hele opslag.

Voor gevaarlijke stoffen komt daar een eigen regime bij. Welke eisen dat oplevert, staat in ons artikel over PGS 15 in het magazijn. Voor accu-opslag geldt een apart verhaal, beschreven in ons artikel over de opslag van lithium-ionaccu's.

Gevolgen voor de stelling zelf

Tussensprinklers zijn niet alleen een installatiekwestie maar ook een stellingkwestie. Het leidingwerk hangt in of aan de constructie en moet daar blijvend ruimte houden.

Dat betekent dat een herindeling van liggerhoogtes niet vrijblijvend is. Verschuift een ligger, dan verschuift de vrije ruimte rond de sprinklerkop mee, en die vrije ruimte is onderdeel van het ontwerp.

Leg daarom vast dat elke wijziging in de stellingconfiguratie langs zowel de stellingleverancier als de sprinklerinstallateur gaat. Hoe u wijzigingen in stellingen beheert, staat in ons artikel over de stellingkeuring.

Denk ook aan de omgekeerde richting: een sprinklerkop die in de weg zit, wordt op de werkvloer soms creatief opgelost. Een kop die met tape is afgeplakt tegen stofoverlast of een leiding die als kapstok dient, maakt de installatie onbetrouwbaar zonder dat er iets zichtbaar kapot is.

Beschadiging en bescherming

Het grootste nadeel van tussensprinklers is hun positie: op heftruckhoogte, midden in de route van pallets die in en uit de stelling gaan.

Bescherming is daarom standaard, met sprinklerbeugels of afschermkappen op de posities waar materieel langskomt. Die bescherming mag het spuitbeeld niet verstoren, en dat is precies waarom u geen zelfbedachte oplossing wilt.

Minstens zo belangrijk is de meldroute. Een geraakte kop is een lekkage en een gat in de beveiliging tegelijk, en dat mag geen melding zijn die tot de volgende ochtend blijft liggen.

Neem de tussensprinklers expliciet op in de wekelijkse visuele ronde van de stellingen. Wie toch al langs de stellingen loopt voor schadebeoordeling, kan in dezelfde ronde de koppen meenemen.

Wat er gebeurt bij een wijziging

Een sprinklerinstallatie is berekend op een moment in de tijd. Elke verandering in wat, hoe en hoe hoog u opslaat, verschuift de grondslag.

De vier wijzigingen die in de praktijk het vaakst onopgemerkt blijven zijn: hoger stapelen binnen dezelfde stelling, een nieuwe productgroep met een hogere opslagklasse, een overstap naar kunststof pallets of folieverpakking, en het plaatsen van een extra ligger.

Geen van die vier voelt als een brandveiligheidsbesluit. Alle vier zijn het wel. Spreek daarom af dat de sprinklerinstallateur meekijkt bij elke lay-outwijziging, net zoals u dat doet bij een verbouwing.

Leg de beoordeling vast, ook als de uitkomst is dat er niets verandert. Die vastlegging is wat u bij een schade nodig hebt om aan te tonen dat u de installatie bij uw opslag hebt gehouden.

Onderhoud en inspectie

Een sprinklerinstallatie kent een gelaagd beheerregime. Eigen controles met een korte cyclus, periodiek onderhoud door een gecertificeerd installatiebedrijf, en een periodieke inspectie door een onafhankelijke inspectie-instelling waar een inspectiecertificaat is voorgeschreven.

Bij tussensprinklers verdienen drie punten extra aandacht: de bereikbaarheid van de koppen voor inspectie, de aanwezigheid van reservekoppen van het juiste type, en de staat van de bescherming rond de koppen.

Reservekoppen zijn een klassieke tekortkoming. In een installatie met meerdere koptypen, wat bij een combinatie van plafond- en tussensprinklers per definitie het geval is, moet u van elk type voorraad hebben.

Zet het volledige regime in uw keuringskalender met vervaldatums in plaats van losse afspraken. De bredere keuringspraktijk staat in ons artikel over de keuring van een sprinklerinstallatie.

Wat uw verzekeraar vraagt

Bij sprinklerinstallaties is de verzekeraar vaak een strengere partij dan het bevoegd gezag. De reden is eenvoudig: de brandschade komt bij hem terecht.

Verwacht daarom clausules over het uitgangspuntendocument, over het onderhoudscontract, over het inspectiecertificaat en over de meldplicht bij wijziging van de opslag. Die laatste is de clausule waarop in de praktijk de meeste discussie ontstaat.

Lees de polis op dat punt na voordat u een nieuwe productgroep aanneemt. Wat daarbij speelt, staat in ons artikel over verzekeringseisen voor brandbeveiliging.

Waar de kosten zitten

De koppen zelf zijn zelden de grootste post. De kosten zitten in wat eromheen nodig is.

Tussensprinklers verhogen het gelijktijdige waterdebiet, en dat raakt de pompinstallatie, de leidingdiameters en de watervoorraad. Bij een bestaand pand is dat vaak de bepalende factor of een uitbreiding haalbaar is.

Daarnaast lopen de beheerkosten op: meer koppen betekent meer inspectiepunten, meer reservemateriaal en meer schademeldingen door aanrijding.

Tegenover die kosten staat dat een goed ontworpen installatie een voorwaarde is voor verzekerbaarheid en soms voor de vergunning zelf. De vergelijking is dus niet installatie tegen geen installatie, maar welk ontwerp het risico dekt tegen de laagste totale last.

Valkuilen in de praktijk

De eerste is ervan uitgaan dat de installatie klopt omdat hij is opgeleverd. Een installatie klopt bij de opslag waarvoor hij is ontworpen, en die opslag verandert.

De tweede is de vrije ruimte onder de sprinklers volstapelen. Dat is de meest voorkomende tekortkoming bij inspecties en tegelijk de makkelijkst te voorkomen.

De derde is een beschadigde kop laten hangen tot het volgende onderhoud. Dat is geen openstaand punt maar een uitgeschakeld deel van de beveiliging.

De vierde is het uitgangspuntendocument niet kunnen vinden. Zonder dat document kan niemand beoordelen of uw installatie nog past, ook uw eigen installateur niet.

Hoe u het geborgd houdt

Zoek als eerste het uitgangspuntendocument op en controleer of de opslagklasse en stapelhoogte die erin staan nog overeenkomen met de werkelijkheid. Dat is een controle van een half uur die vaak jarenlang niet is gedaan.

Leg daarna een vaste route vast voor wijzigingen: elke aanpassing in stellinghoogte, productgroep of verpakking gaat langs de installateur voordat hij wordt doorgevoerd.

Neem de tussensprinklers op in de wekelijkse stellingronde en zorg voor reservekoppen van elk toegepast type. Zet onderhoud en inspectie met vervaldatums in uw planning, naast uw andere brandbeveiligingsmiddelen zoals de projectering van blusmiddelen en de rook- en warmteafvoer.

Tot slot: behandel dit als een ontwerpvraag en niet als een inkoopvraag. Een offerte voor tussensprinklers zonder hydraulische doorrekening en zonder actueel uitgangspuntendocument is geen offerte maar een schatting.

Beheer van brandbeveiligingsinstallaties en keuringsstatus in een digitaal compliancedossier

Veelgestelde vragen

In-rack sprinklers, in het Nederlands ook tussensprinklers genoemd, zijn sprinklerkoppen die in de magazijnstelling zelf zijn gemonteerd op een of meer tussenniveaus. Ze bestrijden een brand op de hoogte waar hij ontstaat, in plaats van te wachten tot de warmte het plafond bereikt. Ze werken altijd in combinatie met een plafondinstallatie en vervangen die dus niet.

Er is geen wetsartikel dat in-rack sprinklers als zodanig verplicht stelt. De verplichting ontstaat indirect: als uw gebouw of uw vergunning een sprinklerinstallatie vereist, moet die installatie volgens de norm worden ontworpen voor de opslag die er werkelijk staat. Komt uit dat ontwerp dat het plafondnet de brandhaard niet op tijd bereikt, dan zijn tussensprinklers het middel om alsnog aan de uitgangspunten te voldoen.

ESFR staat voor Early Suppression Fast Response. Dat zijn snel reagerende plafondsprinklers met een groot waterdebiet die een brand in de stelling van bovenaf willen onderdrukken. In-rack sprinklers doen hetzelfde van binnenuit. ESFR kan tussensprinklers in veel gevallen overbodig maken, maar stelt strengere eisen aan vrije ruimte onder het dak, aan de gangbreedte en aan de manier waarop wordt opgeslagen.

De ontwerpgrondslag is NEN-EN 12845 in combinatie met de Nederlandse aanvulling NEN 1073. Voor ESFR- en CMSA-sprinklers geldt sinds 2025 NEN-EN 12845-2. Daarnaast hanteren verzekeraars in Nederland vaak de VAS, de Voorschriften Automatische Sprinklerinstallaties. Welke set van toepassing is, staat in uw uitgangspuntendocument.

Dan verandert de grondslag van het ontwerp. Een sprinklerinstallatie is berekend op een bepaalde opslagklasse, stapelhoogte en stellingconfiguratie. Gaat u hoger stapelen, overstappen op kunststof verpakking of lithiumhoudende producten opslaan, dan hoort daar een herbeoordeling bij. Zonder die herbeoordeling kan uw installatie formeel nog werken maar inhoudelijk niet meer passen bij het risico.

Ja, en dat is hun grootste nadeel. Ze zitten op heftruckhoogte in de stelling en worden bij het inzetten of uitnemen van pallets geraakt. Bescherming met sprinklerbeugels of afschermkappen is daarom standaard, net als een vaste meldroute wanneer een kop is geraakt. Een afgebroken kop betekent een lekkage en een niet werkend deel van de installatie tegelijk.

Een sprinklerinstallatie kent een gelaagd regime van wekelijkse en maandelijkse eigen controles, periodiek onderhoud door een gecertificeerd bedrijf en een periodieke inspectie door een onafhankelijke inspectie-instelling. Waar een inspectiecertificaat is voorgeschreven, bijvoorbeeld via de omgevingsvergunning of de verzekeraar, bepaalt het certificatieschema de frequentie. Leg het volledige regime vast in uw keuringskalender.

Technisch kan het, maar het is zelden een kwestie van koppen bijplaatsen. De watertoevoer, de leidingdiameters, de pompcapaciteit en de wateropslag zijn berekend op het oorspronkelijke ontwerp. Extra sprinklers betekenen extra gelijktijdig debiet, en dat raakt de hele installatie. Laat daarom altijd eerst een hydraulische doorrekening maken voordat u een uitbreiding begroot.

Neem contact op met onze adviseurs

Wilt u weten of Envora past bij uw locaties? Of heeft u een specifieke vraag over slaapruimtemonitoring, het GGD-rapport of de installatie? Wij beantwoorden het binnen één werkdag.

Spaces Vijzelstraat, Amsterdam

Veelgestelde vragen

Envora is een managed service voor luchtkwaliteitmonitoring in de kinderopvang. Wij plaatsen professionele sensoren in elke ruimte, meten continu 6 parameters (CO₂, fijnstof, TVOC, vochtigheid, temperatuur en formaldehyde) en leveren rapportages die voldoen aan de normen van de GGD, het Bouwbesluit en het RIVM. U beheert alles vanuit één centraal platform.

De pilotmeting is een eenmalige meting op 1 locatie. Wij installeren sensoren in de gewenste ruimtes (circa 15 minuten per ruimte, zonder boren), meten de luchtkwaliteit en leveren een rapport met meetresultaten, conclusies en advies. U zit nergens aan vast.

De pilotmeting kost €479 per locatie. Dit is eenmalig en inclusief installatie, meting en rapport met advies. Er is geen abonnement of opzegtermijn aan verbonden.

Ja. Het rapport bevat continue meetdata per ruimte, getoetst aan de normen uit het Bouwbesluit 2012 en de RIVM-richtlijn 2023. GGD-inspecteurs beoordelen op aantoonbare naleving, het Envora-rapport levert exact die onderbouwing, inclusief trendgrafieken en compliance-scores.

Ja. Het Envora-platform is gebouwd voor multi-locatiebeheer. U ziet real-time data van elke ruimte op elke locatie in één dashboard. Bij een normoverschrijding op locatie 4 krijgt u direct een melding, ook als u op locatie 1 zit.

Installatie duurt circa 15 minuten per ruimte. De sensoren worden draadloos gemonteerd zonder boren of kabeltrekken. Een volledige locatie met 5 ruimtes is binnen een ochtend operationeel, zonder hinder voor de dagelijkse opvang.

Met het verzenden van dit bericht gaat u akkoord met onze privacyverklaring.

Contactpersoon Envora